De 26-jarige Utrechter die was aangehouden vanwege de explosie in een flatportiek in de Utrechtse wijk Kanaleneiland afgelopen maandagavond, is vrijgelaten. Volgens het Openbaar Ministerie (OM) was er onvoldoende reden om de man voor te geleiden.

De Utrechter werd donderdagavond al heengezonden, aldus een woordvoerder van het OM. "Het onderzoek gaat uiteraard verder." Hij werd woensdag aangehouden vanwege mogelijke betrokkenheid bij de ontploffing in de portiek van een flatgebouw aan de Alexander de Grotelaan.

Locoburgemeester Lot van Hooijdonk heeft zojuist in een raadsinformatiebrief bekendgemaakt dat zij een woning in het flatgebouw voor drie maanden heeft gesloten. 'Het nieuws dat de politie rekening houdt met een gerichte actie, heeft bij een aantal omwonenden geleid tot een toenemend gevoel van onveiligheid en de vraag of het wel verstandig en veilig is om terug te keren naar huis.'

Van Hooijdonk schrijft dat ze overleg heeft gehad met de politie en het OM en dat ze toen de vraag heeft gesteld 'of er sprake is van een verhoogd risico op een nieuw incident bij het pand'. 'Op basis van de huidige informatie en inzichten is de driehoek van mening dat er onvoldoende kan worden uitgesloten dat er opnieuw een gerichte actie plaatsvindt. Dit is voor mij, na afstemming met de driehoek, reden om een specifieke woning in het pand per direct te sluiten voor de duur van drie maanden.'

Georganiseerde criminaliteit

Waarom een nieuwe gerichte actie op deze specifieke woning niet kan worden uitgesloten, kan de Utrechtse locoburgemeester niet zeggen.

"Ik kan u niet in detail informeren over de precieze informatie waarop ik dit besluit baseer. Wel kan ik u zeggen dat dit verband houdt met de waarschijnlijkheid dat de actie gericht was tegen een bewoner die bekend is bij politie en justitie. Zonder deze maatregel vrees ik dat de woning opnieuw doelwit zou kunnen worden van een gewelddadige actie met niet alleen risico's voor de bewoners, maar ook voor buren en omstanders tot gevolg."

Volgens Van Hooijdonk onderstreept deze zaak het belang van "een stevige aanpak van ondermijnende criminaliteit". "Het is opnieuw een voorbeeld van de grote impact die de georganiseerde criminaliteit - hoewel die zich ogenschijnlijk grotendeels aan het oog van Utrechters onttrekt - heeft op onze samenleving."