Een 34-jarige man moet zestien maanden de cel in omdat hij in augustus een krat met lege bierflesjes naar een terras aan de Oudegracht aan de Werf in Utrecht gooide. De man stond er zelf boven, nabij de Jansbrug. Volgens de rechter ging het om poging tot doodslag.

De man bekende tijdens de rechtszaak dat hij op 24 augustus het krat naar beneden gooide. Dat moest echter in het water van de Oudegracht belanden, zo vertelde hij. Het kratje kwam in plaats daarvan tussen dinerende mensen op de werf bij de Rum Club terecht.

Hij werd gearresteerd en moest eerder deze maand voor de rechter verschijnen. Het blijkt te gaan om een Poolse man die anderhalf jaar geleden naar Nederland kwam, met het doel om hier te komen werken en wonen. Het is hem echter niet gelukt om in Nederland een bestaan op te bouwen.

Een maand na aankomst in Nederland is hij dakloos geraakt en sindsdien zwerft hij op straat. Hij pleegt delicten om in zijn levensonderhoud te voorzien en drinkt vrijwel dagelijks alcohol. De man staat nergens ingeschreven in Nederland. Overigens is zijn verblijfsrecht in Nederland beëindigd, maar hij is daartegen in beroep gegaan en mag de beslissing hier afwachten.

De advocaat van de verdachte vond vrijspraak op zijn plaats; het was namelijk de bedoeling om het kratje in het water te gooien en niet om iemand te verwonden. De rechter ging daar niet in mee en veroordeelde de man tot zestien maanden celstraf wegens poging tot doodslag. Door het bierkratje te gooien, heeft de man namelijk "de aanmerkelijke kans aanvaard" dat het krat op iemands hoofd zou kunnen vallen.