Bloedbank Sanquin gaat bloed dat de in regio Utrecht is gedoneerd testen op het westnijlvirus. Sinds donderdag is het bekend dat in deze regio de eerste persoon in Nederland besmet is met dit virus.

Het is voor Sanquin belangrijk om het gedoneerde bloed te onderzoeken, omdat het westnijlvirus zich via bloed kan verspreiden, bijvoorbeeld bij een transfusie. Volgens de bloedbank bestaat er een kans dat er meer mensen besmet zijn met het virus. Het zou daarom kunnen dat Sanquin bloed binnen heeft gekregen dat door het virus geïnfecteerd is.

Die kans is klein, laat de woordvoerder van Sanquin weten. Lang niet iedereen is immers bloeddonor. Toch draagt de bloedbank verantwoordelijkheid voor veilig bloed. Daarom worden de donaties in de regio Utrecht onderzocht. Ook onderzoekt Sanquin gedoneerd bloed in de regio's het Gooi en het oosten van Zuid-Holland.

Besmette grasmus aangetroffen

Eerder dit jaar in september vonden onderzoekers een grasmus die het westnijlvirus droeg. Dat was de eerste keer dat de ziekte in Nederland werd aangetroffen. De verspreiders van het westnijlvirus zijn echter niet vogels of mensen, maar muggen. Mensen kunnen het virus dus niet op elkaar overdragen, tenzij ze besmet bloed krijgen toegediend.

Het RIVM doet al sinds 2018 onderzoek naar het virus, omdat dit in zeldzame gevallen ernstige ziekten kan veroorzaken, zo liet een woordvoerder vorige maand aan nieuwspartner DUIC weten. Van de mensen die besmet raken, krijgt 20 procent klachten zoals koorts en huiduitslag. De kans dat een besmette persoon ernstig ziek wordt en bijvoorbeeld hersenvliesontsteking krijgt, is 1 procent. 80 procent van de besmette mensen merkt helemaal niets van het virus.