Het Openbaar Ministerie (OM) heeft twee jaar celstraf geëist tegen een 26-jarige man uit Utrecht. De man wordt verdacht van het bezit en de handel van harddrugs. Tegen een minderjarige medeverdachte werd jeugddetentie, een werkstraf van tweehonderd uur en een contactverbod met de medeverdachten geëist.

Naast de 26-jarige is ook een achttienjarige man uit de Utrechtse wijk Hoograven hoofdverdachte in de zaak. Hij moet later voor de rechter verschijnen.

Ook een andere minderjarige verdachte verschijnt later voor de rechter, omdat er nog meer onderzoek gedaan moet worden.

De groep kwam bij de politie in beeld nadat een drugsverslaafde aangifte had gedaan, omdat hij werd gedwongen zijn woning ter beschikking te stellen. Toen hij dat wilde stoppen, werd de man beroofd en mishandeld. De politie kwam de verdachten op het spoor door onder meer camerabeelden, tapgesprekken, telefoongegevens, observaties en doorzoekingen.

De mannen hebben volgens het OM in de periode van februari tot juni, toen ze werden aangehouden, gehandeld in harddrugs zoals cocaïne, MDMA, amfetamine en methamfetamine. De twee minderjarige verdachten werden door de hoofdverdachten ingezet om de drugs op straat te verkopen.

Al langer probleem in stad met jongeren in drugshandel

"Deze levendige cocaïnehandel en het binnentrekken van jonge jongens in deze handel moet stoppen", stelde de officier van justitie. "Deze verdachte heeft door te handelen in een breed assortiment van drugs, waaronder cocaïne, zowel wezenlijk bijgedragen aan de persoonlijke problematiek van kwetsbare verslaafden, als aan het gewelddadige milieu van de cocaïnehandel."

In Utrecht is al langer een probleem met jongeren in de drugshandel. Criminelen ronselen minderjarigen voor het plegen van misdaden, zoals het handelen in drugs.

De gemeente, politie en het Openbaar Ministerie werken samen om ervoor te zorgen dat jongeren niet in de zware criminaliteit belanden. De gemeente heeft daarvoor contact met hulpverleners, ouders, jongerenwerk en scholen in de buurt.