Poppodium Ekko en De Helling in Utrecht krijgen ook geld om de gevolgen van het coronavirus te bestrijden. De compensatie wordt voor een groot deel door het Rijk betaald.

Op 15 april maakte minister Ingrid van Engelshoven bekend 300 miljoen euro beschikbaar te stellen om de eerste nood die veroorzaakt werd door het coronavirus bij de culturele instellingen op te vangen. Ongeveer de helft daarvan was bestemd voor door het Rijk gesubsidieerde instellingen, de zogenoemde stroom 1.

In Utrecht komen hier onder meer De Nederlandse Bachvereniging, DOX, Het Literatuurhuis, Le Guess Who, Nederlands Kamerkoor, BAK, Museum Catharijneconvent en Nederlands Filmfestival voor in aanmerking.

Iets minder dan 50 miljoen euro is bestemd voor niet door het Rijk gesubsidieerde instellingen met een landelijk belang, oftewel stroom 3. In eerste instantie kwamen hier in Utrecht alleen TivoliVredenburg, Centraal Museum, Stadschouwburg Utrecht, Theater Kikker/Podium Hoge Woerd en Museum Speelklok voor in aanmerking.

Nadat de criteria voor de subsidie iets ruimer zijn gemaakt krijgen nu dus ook Ekko en De Helling een compensatie. Ekko krijgt ruim 265.000 euro en De Helling net iets minder dan 182.000 euro. Ruim 223.000 euro wordt door het Rijk betaald. De gemeente en provincie betalen allebei ruim 111.000 euro.