De gemeente Utrecht gaat extra capaciteit beschikbaar stellen aan de buurtteams van Jeugd en Gezin, zodat ze kunnen investeren in samenwerking met huisartsen. De extra capaciteit is de uitkomst van een pilot bij zes Utrechtse huisartsenpraktijken in het centrum, Utrecht Oost, Ondiep, Zuilen, Kanaleneiland en Leidsche Rijn.

Huisartsen in Utrecht lieten eind 2018 al weten dat ze meer ondersteuning wilden op het gebied van jeugd- en gezinshulp. Huisartsen zijn vaak het eerste aanspreekpunt voor gezinnen met lichamelijke en psychosociale klachten. Om die reden werd in 2019 een project gestart.

In dat project werd gekeken naar hoe huisartsen op het gebied van jeugd- en gezinshulp extra ondersteund zouden kunnen worden. Bij de pilot waren zo'n honderd jongeren met of zonder hun ouders betrokken.

"Alle mensen die betrokken zijn geweest bij deze pilot geven aan dat het vooral belangrijk is dát er ondersteuning is", zegt D66-wethouder Eelco Eerenberg. "En doordat het op een plek is die mensen kennen, de huisartsenpraktijk, is het enorm laagdrempelig. Zo kunnen kinderen en ouders met zorgen en vragen snel de weg naar de juiste zorg vinden en tegelijkertijd worden de drukke huisartsen wat ontlast."

Uit de pilot bleek verder dat de samenwerking tussen huisarts en ondersteuner tijd vraagt en dat het belangrijk is om goede afspraken te maken. "Ook blijft het belangrijk om per praktijk te kijken wat nodig is. Elke wijk in Utrecht heeft weer een andere populatie. Dit zorgt er ook voor dat de vragen die ouders of kinderen hebben kunnen verschillen per wijk", aldus Eerenberg.

De buurtteams Jeugd en Gezin krijgen de komende twee jaar meer ruimte om te investeren in samenwerking met de huisartsenpraktijken. Daarbij wordt ook gebruik gemaakt van informatie over de populatie van de praktijk en wijk.