Het Openbaar Ministerie (OM) heeft vrijdag tot drie jaar cel geëist tegen twee verdachten (18, 19) van een aantal gewelddadige berovingen in Utrecht. De zaak tegen een derde medeverdachte dient op een later moment.

De hoofdverdachte van negentien hoorde de hoogste straf tegen zich eisen: drie jaar celstraf. Hij wordt verdacht van twee berovingen, een poging tot beroving en twee keer openlijk geweld.

Tegen de achttienjarige medeverdachte eiste het OM een celstraf van twaalf maanden, waarvan zes maanden voorwaardelijk. Hem wordt beroving en eenmaal openlijk geweld ten laste gelegd.

Een van de berovingen vond plaats op 15 februari. Het slachtoffer had die avond zijn laatste trein gemist in Utrecht en raakte op het Centraal Station in gesprek met drie jongens. Hij liep met hen mee, waarna hij in het Molenpak werd mishandeld en bedreigd met een mes. Ook werd hij beroofd van zijn geld, telefoon en laptop.

De drie verdachten konden op basis van camerabeelden worden herkend, waarna de mannen kort daarna werden aangehouden. Bij een huiszoeking in de woning van de hoofdverdachte werden spullen gevonden van een slachtoffer van een eerdere beroving.

Tweede beroving vond plaats in Park Transwijk

Door die huiszoeking kwam ook een beroving in Park Transwijk op 31 januari aan het licht. Daarbij werd het slachtoffer bedreigd met een vuurwapen en een taser, werd hij mishandeld en beroofd.

Hij werd buiten bewustzijn en deels ontkleed op straat aangetroffen en met spoed naar het ziekenhuis gebracht.

Op basis van diverse beelden, tapgesprekken en de vondst van de telefoon van het slachtoffer bij een van de verdachten, kon ook dit misdrijf in verband worden gebracht met twee van de drie jongens, waaronder de hoofdverdachte.

Poging beroving vond plaats op Hoog Catherijne

Het derde feit wat de hoofdverdachte ten laste wordt gelegd is een poging tot beroving op Hoog Catharijne op 27 januari. Die nacht liep een man na een avond uit met collega's door dat winkelcentrum. Een aantal jongens probeerde hem daar te beroven van zijn portemonnee en telefoon. Het slachtoffer verzette zich en werd hierbij bijgestaan door zijn collega's.

Het bleef bij een poging beroving maar de mannen werden wel "flink" mishandeld. Zij werden geslagen en getrapt. Ook in dit onderzoek werd de hoofdverdachte herkend van camerabeelden.

OM: 'Zeer ernstige feiten'

De officier van justitie sprak van "zeer ernstige feiten die gevoelens van onveiligheid teweeg brengen, niet alleen bij de slachtoffers maar ook in de samenleving". Bij twee delicten werd eerst het vertrouwen van de slachtoffers gewekt en vervolgens werden ze niets vermoedend mishandeld en beroofd. Bovendien bleek uit de zwijgende houding over de beroving volgens het OM niets van spijt.

Ook hield de officier in de strafeis rekening met het strafblad van de twee verdachten; de hoofdverdachte heeft een "fors" strafblad, de medeverdachte heeft een "relatief kort" strafblad.

De rechtbank doet over twee weken uitspraak.