Het Utrechts college zal dit jaar, conform de voornemens in het coalitieakkoord, verder investeren in het begeleiden van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt, betaalbaar wonen, en een 'sterk' Utrechts mbo. Wel is er minder geld voor het stadsbestuur dan verwacht, blijkt uit de voorjaarsnota die het college van burgemeesters en wethouders donderdag presenteerde.

Het college, dat in juni vorig jaar aantrad, verantwoordt in deze voorjaarsnota de keuzes die het maakt.

Allereerst investeert het college dit jaar 1 miljoen euro in de groep mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Dat gebeurt onder de noemer Werkbeweging. Hierbij krijgen die betreffende mensen intensieve en persoonlijke begeleiding, worden voor hen passende banen gecreëerd, krijgen ze extra scholing en moeten vooroordelen over deze groep worden bestreden.

Daarnaast wordt geïnvesteerd in betaalbaar wonen. Een bedrag van zo’n 7,6 miljoen euro in 2019 en 5 miljoen in 2020 zal worden ingezet om het aanbod sociale- en middenhuur in de stad te bevorderen. Uit het Meerjarenperspectief Ruimte (MPR 2019) blijkt namelijk dat Utrecht vooral veel nieuwe woningen nodig heeft in dat segment om aan de vraag van woningzoekenden te voldoen.

Ten derde ligt de nadruk in de voorjaarsnota 2019 op het versterken van het Utrechtse mbo. Zo moet het mbo de waardering krijgen die het verdient, vindt het college. Vanaf 2020 wordt een bedrag van 950.000 euro beschikbaar gesteld. Daarvan zal onder meer worden gewerkt aan passende ondersteuning voor mbo-scholieren en de aansluiting van het mbo op de regionale arbeidsmarkt.

Veiligheid in Utrecht

Naast de drie zojuist benoemde centrale punten uit de Voorjaarsnota, investeert het college vanaf 2020 zo’n 300.000 euro voor het "steviger aanpakken" van ondermijnende criminaliteit, het "dichter bij elkaar brengen" van zorg en veiligheid, het "verbeteren" van digitale veiligheid en veiliger verkeer. Ook wordt extra ingezet op toezicht en handhaving.

Tot slot zet Utrecht in op "ruimte-efficiënte en gezonde" vormen van vervoer, zoals lopen, fietsen en openbaar vervoer, die een "volwaardig alternatief" moeten bieden voor de auto.

Op 20 juni houdt de gemeenteraad algemene beschouwingen over de voorjaarsnota waarna commissiebehandelingen volgen. Het slotdebat over de voorjaarsnota vindt plaats op 11 juli.

Minder financiële ruimte

Vorig jaar was er sprake van uitzonderlijk veel financiële ruimte, stelt het stadsbestuur, maar die is nu aanzienlijk beperkter dan bij het opstellen van het coalitieakkoord van GroenLinks, D66 en ChristenUnie.

Dit komt volgens het college doordat de bijdrage van het Rijk minder stijgt dan de afgelopen jaren. Ook zou de nieuwe cao tot hogere loonindexatie leiden. Bovendien groeit de stad minder hard dan het college vorig jaar had verwacht: er zijn in 2018 minder woningen opgeleverd en minder kinderen geboren. Er komt daarom minder geld binnen uit OZB en het Gemeentefonds. Dit zou de komende jaren moeten bijtrekken.