Supermarktbedrijven PLUS en Coop maakten maandag bekend te fuseren. Het is de zoveelste in het rijtje van overnames en fusies in de levensmiddelenhandel in de afgelopen jaren. Retailkenner Art Frickus wijt de overnamegolf vooral aan de veeleisende klanten en het geld dat supers moeten uitgeven om aan die wensen te voldoen.

Tal van supermarktmerken verdwenen de afgelopen jaren uit het straatbeeld. Onder meer Super de Boer, C1000, Emté, Golff, Digros en Bas van der Heijden bestaan niet meer. In een verder verleden verdwenen ook onder andere Konmar, Lekker & Laag en Edah.

Dit jaar zet de daling van het aantal merken door. Zo werd enkele maanden geleden bekend dat de tachtig winkels van Deen, die vooral in Noord-Holland liggen, in handen komen van onder meer Albert Heijn. Maandag kwam dus het nieuws naar buiten dat PLUS en Coop de handen ineenslaan.

Dat er zo veel merken verdwijnen, komt volgens Frickus vooral doordat de consument steeds meer eisen stelt. "Ze willen lage prijzen, een ruim assortiment, een goede service en veel gemak. Daarnaast bestellen klanten hun levensmiddelen steeds vaker online. Inmiddels is dat marktaandeel gestegen naar 6 procent."

Dit alles betekent volgens hem dat supermarkten zeer grote investeringen moeten doen om "aan te haken", bijvoorbeeld in de logistiek en automatisering. "En hoewel supermarkten geprofiteerd hebben van de hogere verkopen tijdens de coronacrisis, betekent dit niet dat alle ketens genoeg geld hebben om de benodigde investeringen te doen."

Online boodschappen niet winstgevend

Daar komt bij dat er niet of nauwelijks winst wordt gemaakt als klanten online boodschappen doen. De verwachting is echter dat het online aandeel de komende jaren juist verder zal groeien, naar 10 procent. Dit trekt nieuwe bedrijven aan en dat zorgt voor extra concurrentie.

Een voorbeeld hiervan is het succesvolle Picnic, dat zijn levensmiddelen uitsluitend online verkoopt. "Maar denk ook aan een bedrijf als HelloFresh, dat maaltijdpakketten thuis bezorgt. Of aan de snelle groei van flitsbezorgers zoals Gorillas, dat belooft de boodschappen binnen tien minuten bij je thuis te bezorgen."

Supermarkten willen kosten kunnen 'uitsmeren'

Om de concurrentie aan te kunnen en de nodige investeringen te kunnen blijven doen, kan het voor supermarkten voordelig zijn om samen verder te gaan. Je kunt dan de kosten 'uitsmeren' over meer winkels.

Dat zit zo: stel, je wilt een IT-systeem maken waarmee klanten online boodschappen kunnen doen. Hoeveel dat kost, hangt maar beperkt samen met hoeveel supermarkten je hebt. Maar het maakt nogal verschil of het geld dat je voor zo'n systeem nodig hebt, moet worden verdiend met tien of met honderd winkels. Daarom besluiten veel ketens, al dan niet noodgedwongen, te fuseren of zich te laten opslokken door grotere bedrijven.

Volgens Frickus zijn er diverse andere kleinere ketens die met deze problemen worstelen. Hij verwacht dan ook dat er de komende jaren nog meer kleinere supermarktketens verdwijnen of gaan samenwerken.

We zijn benieuwd naar je mening over dit artikel. Klik hier om je feedback achter te laten in een korte vragenlijst van een minuut.