Geen koets vol prinsesjes of koekhappende koning dit jaar. Niet dronken feestvieren in een leeuwenpak, geen vrijmarktparels of je spaarpot spekken met vals vioolspel. Maar wat corona ons niet kan afnemen: de oranje tompouce. Tijd zat op deze vrije woningsdag, en zo maak je ze zelf.

Zo strak als bij de bakker: dat wordt lastig. Net zo lekker, dat moet lukken met een vulling van Zwitserse room. Dit heb je nodig voor acht tompoucen.

Voor de vulling:

  • 3 eidooiers
  • 250 ml volle melk
  • Zakje vanillesuiker
  • 50 gram suiker
  • 25 gram bloem
  • 125 ml slagroom

Voor het deeg

  • Acht plakjes bladerdeeg

Voor het glazuur

  • Poedersuiker
  • Wortelsap of oranje voedingskleurstof
  • Water

Begin met het maken van de vulling en zorg dat er ruimte genoeg is in de koelkast.

  • Split de eieren, en gebruik alleen de gele dooiers. Met het overgebleven eiwit valt weer iets leuks bedenken: Haagse bluf bijvoorbeeld, een omelet of vries het in voor later.
  • Meng de eierdooiers met de bloem en een beetje melk tot er geen klontjes meer inzitten.
  • Kook ondertussen de rest van de melk met de suiker en het de vanillesuiker of een paar druppels vanille-essence.
  • Giet de warme melk voorzichtig en al kloppend bij de eidooiers.
  • Breng het mengsel al roerend aan de kook. Laat het een paar minuten koken totdat de room dik genoeg is.
  • Giet de room in een bord en dek het af met folie, anders komt er een dik vel op te liggen. Laat het afkoelen in de koelkast totdat het mengsel stijf en koud is.

Giet de vulling op een bord, dek af en laat het koelen.

Koud genoeg? Klop dan de slagroom en meng dit voorzichtig door de koude room. Nu heb je een dikke, romige vulling. Zet die weer even terug in de koelkast. Tijd voor het bladerdeeg!

Woningsdag betekent niet dat je de hele dag in de keuken wil staan. Bladerdeeg kun je zelf maken, maar ook gelukkig kant en klaar kopen in de supermarkt.

De plakjes bladerdeeg rijzen als ze in de oven worden gebakken. Dat maakt het lekker luchtig, maar zo bol wil je de plakjes niet hebben.

Snij de plakjes eerst door de helft. Prik er met een vork wat gaatjes in, en bak de plakjes op een vel bakpapier zo'n tien minuten tot ze gaar en krokant zijn. Laat ze even afkoelen.

Nu kun je het glazuur gaan maken.

Het glazuur

  • Meng een paar lepels poedersuiker met wat water. Roer goed om klontjes te voorkomen, en klaar is je glazuur. Maar we willen 'm oranje. Je kunt er een drupje oranje voedselkleurstof bij roeren, maar ook experimenteren met wortelsap. De kleur wordt dan minder fel.
  • Leg de helft van je bladerdeegplakjes op een bord en strijk het oranje mengsel op de bladerdeegbovenkant.

Strijk het oranje glazuur over het halve bladerdeegplakje.

Is de room afgekoeld en stijf, en ben je klaar voor de volgende stap?

  • Pak een spuitzak en spuit de room voorzichtig op een plakje bladerdeeg. Zonder spuitzak kan het ook: knip een klein hoekje van een boterhamzakje en lepel de room er voorzichtig in. Spuit daarmee de room op je bladerdeeghelft.
  • Plaats de oranje bladerdeegdeksel voorzichtig op de vulling, en koel de tompoucen opnieuw.

    Met een spuitzak of boterhamzakje kun je de room netjes op het bladerdeeg spuiten.

    Is de oranje laag hard? Dan is het tijd om aan te vallen. Wacht er als het even kan mee tot 16.00 uur: dan is het nationale proostmoment en zal het hele land met een glas in de ene hand en een tompouce in de andere klaarstaan om samen met de koning het glas te heffen op onze gezondheid.

En voor de slordige tompouce-eter nog een gouden tip: haal de bovenste bladerdeeg met glazuur van je tompouce, leg 'm onderop met de glazuurkant boven en eet de tompouce alsof het een dikbelegde cracker is.

Eet smakelijk!