Liefhebbers van de Hollandse pot kunnen vrijdag 15 februari de 25e editie van het WK Snert & Stamppotkoken in Groningen bijwonen. Hier nemen veertig koks, bewapend met opscheplepels en aardappelstampers, het tegen elkaar op in de strijd om de Zilveren Snertslaif en de Zilveren Opscheplepel.

De kookstations van het Alfa-college liggen vol aardappelen, knolselderij, spliterwten en diverse soorten vlees. De bijbehorende koks krijgen de opdracht om binnen drie uur een pan snert en een stamppot te bereiden. Het is de chefs wel toegestaan de bouillon en het rookvlees een dag van tevoren te maken.

Lang niet alle deelnemers van het WK Snert & Stamppotkoken zijn professioneel kok. Volgens Henk van der Velde, voorzitter van de kookwedstrijd, doen onder anderen een grafisch ontwerper, een tv-maker, een opticien en een pensionado mee. Iedereen die het inschrijfgeld van 20 euro betaalt kan meedoen, mits er nog plek is in de keuken.

Het evenement draagt dan wel de naam wereldkampioenschappen, maar dit jaar doen alleen deelnemers uit Nederland mee. "Maar we hebben wel een keer een Franse mevrouw gehad en iemand uit Zwitserland. Twee jaar geleden werden een man en een vrouw uit Senegal tweede bij het snertkoken", zegt Van der Velde.

Snert en stamppot met een barbecuetwist

Een van de deelnemers is onderhoudsmanager en barbecueliefhebber Paul Kerkhof uit Hoofddorp. "Het is een wedstrijd, maar het is vooral ook een gezellige, leuke dag", zegt hij. Kerkhof doet mee aan het nieuwe onderdeel 'Oorspronkelijk koken', waarbij alle kandidaten de erwtensoep buiten op een grote driepoot boven een open vuur bereiden.

Kerkhof wil zich onderscheiden van de rest van de kandidaten met zijn 'snert met barbecuetwist'. In plaats van een rookworst, voegt hij een barbecueworst toe. Bij zijn stamppot serveert hij 'brisk', een mals deel van de runderborst, waar hij 's nachts mee bezig is geweest.

Erwtensoep als cultureel erfgoed

De kookwedstrijd wordt georganiseerd door Stichting Oudhollandsche Gerechten. Zij ziet graag dat meer jonge mensen en Nederlanders van niet-westerse afkomst erwtensoep gaan koken. "Het recept voor snert wordt van generatie op generatie doorgegeven, het is een levende traditie", stelt de stichting.

Om dit doel te bereiken, lobbyde Oudhollandsche Gerechten jarenlang om snert te laten opnemen in de Inventaris Immaterieel Erfgoed Nederland. En met succes: tijdens het WK Snert & Stamppotkoken wordt de erwtensoep in het bijzijn van oud-commissaris van de koning Max van den Berg officieel erkend als cultureel erfgoed.

Wat is immaterieel erfgoed?

  • Immaterieel erfgoed bestaat uit 'cultuuruitingen', zoals schaatsen of Koningsdag, die een gemeenschap een gevoel van identiteit geven en van generatie op generatie worden doorgegeven.
  • Voorbeelden van immaterieel erfgoed in Nederland zijn het Oeteldonks carnaval, Gay Pride in Amsterdam en poffertjes.
  • Elk jaar worden zo'n vijftien fenomenen erkend als immaterieel erfgoed.

Volgens Leo Adriaanse, directeur van het Kenniscentrum Immaterieel Erfgoed Nederland, is zo'n erkenning vooral symbolisch. Er komt geen geld vrij uit een fonds om zaken die tot immaterieel erfgoed zijn benoemd te beschermen.

"Maar daarom is het nog niet onbelangrijk", zegt Adriaanse. "Een erkenning tot immaterieel erfgoed wordt vaak onderschreven door provincies, gemeenten of bedrijven. Die geven daarmee aan dat ze het belangrijk vinden. Dat levert publiciteit op en de gemeenschap voelt zich erkend."

Vakjury beoordeelt de snert en stamppot

De erwtensoepen en stamppotten op het WK worden door een vakjury beoordeeld op smaak, geur, kleur, ingrediënten, hygiëne, tijd, bereiding, presentatie en originaliteit. Sommige chefs trekken alles uit de kast voor een goede score en anderen doen mee voor de ervaring.

"Zes of zeven jaar geleden deed ik ook al een keer mee aan het snertkoken", zegt Kerkhof. "Maar ik weet niet meer op welke plaats ik toen eindigde. Alleen dat ik een fantastische dag had."