Sifan Hassan won een Olympische medaille en Mauro Manuel is een succesvol ondernemer. Succesverhalen van migranten doen het altijd goed, maar het idee van 'de goede migrant' is niet zonder gevaar. 'Je wordt óf ontmenselijkt, of een supermens.'

Dit artikel is afkomstig uit Trouw. Elke dag verschijnt een selectie van de beste artikelen uit de kranten en tijdschriften op NU.nl. Daar lees je hier meer over.

Het beruchte televisiemoment is alweer tien jaar oud, maar staat in ieders geheugen gegrift: staatssecretaris Henk Bleker schuift in een live-uitzending van Pauw en Witteman een briefje naar de achttienjarige asielzoeker Mauro. Mauro dreigt te worden uitgezet naar Angola, Bleker wil daar op dat moment nog geen stokje voor steken.

Maar hij wil Mauro wel een ander aanbod doen. 'Als je (met je moeder) mee wilt naar FC Twente-PSV dan kan dat', staat op het briefje. Mauro lacht een beetje verbaasd. "Het gaat best wel slecht met me", heeft hij eerder met een zuidelijke tongval gezegd. Later geeft hij aan dat hij 'mooi niet' meegaat naar het voetbal.

De uitkomst van het schrijnende tv-moment is bekend: Mauro mag blijven. Nu, tien jaar later, melden kranten en tv-programma's: het gaat heel goed met hem. Hij is een succesvol ondernemer met grote interesse in duurzaamheid. Hij heeft samen met zijn vriendin een dochtertje van vijf. Fijn, juichen journalisten en gasten in tv-programma's. Zie je nou wel dat het een goed idee was om hem een plek te gunnen in de Nederlandse samenleving?

Houd je van Nederlandse dingen?

Nederlanders met een migratieachtergrond worden gretig gehuldigd om hun successen. In berichten over Sifan Hassan, de van oorsprong uit Ethiopië gevluchte topatlete, ging het vooral aan het begin van haar carrière regelmatig over hoe knap het was dat ze nog maar kort in Nederland woonde en nu al de nationale trots was. Zo maakte Bureau Sport een uitzending over haar integratie met als thema 'Hoe Nederlands is Sifan Hassan?', waarin Hassan kalm vragen beantwoordt als 'Houd je van Nederlandse dingen?' en 'Wat doet het met je als je de Nederlandse vlag ziet?'.

De voortreffelijke migrant duikt regelmatig op. Zowel onder activisten die ijveren voor ruimhartiger migratie- en asielbeleid, als onder activisten en politici die vinden dat Nederland alleen migranten moet toelaten die iets uitzonderlijks bijdragen aan de samenleving.

Maar de laatste jaren klinkt ook meer kritiek op dat idee van 'De Goede Migrant'. Want waarom, zeggen schrijvers, activisten en wetenschappers, moeten migranten niet alleen integreren om er echt bij te mogen horen, maar ook excelleren? Waarom hoeft de Nederlandse buurman geen succesvol ondernemer of olympisch atleet te zijn, en de vluchteling wel?

In principe een burger is met een minpuntje

Het leidde onder meer in de VS, Groot-Brittannië en in Nederland tot essaybundels met de titel De Goede Immigrant. Want, stellen de Nederlandse schrijvers, het verhaal van de nieuweling die zich ondanks alles weet op te werken, leidt ertoe dat nieuwe Nederlanders hoge druk ervaren om óók bovengemiddeld succesvol te zijn,

Aan dat idee van de goede migrant kleeft een aantal problemen, zegt Sara de Jong. Zij is universitair hoofddocent politicologie aan de universiteit van York in Engeland. Ze deed onder meer onderzoek naar hoe migranten omgaan met de druk om een positie en acceptatie te verwerven in een samenleving.

Sifan Hassan in 2020 tijdens de huldiging in Scheveningen van sporters na terugkeer van de Olympische Spelen in Tokio.

Sifan Hassan in 2020 tijdens de huldiging in Scheveningen van sporters na terugkeer van de Olympische Spelen in Tokio.
Sifan Hassan in 2020 tijdens de huldiging in Scheveningen van sporters na terugkeer van de Olympische Spelen in Tokio.
Foto: ANP

"Ten eerste is het idee van een voorbeeldige, of goede, migrant, een reactie op het idee dat een migrant in principe een burger is met een minpuntje", zegt De Jong. "Je moet een inhaalslag maken, en om geaccepteerd te worden moet je als migrant beter zijn dan gemiddeld. Terwijl je bijvoorbeeld ook zou kunnen zeggen: wat bijzonder dat deze kinderen van migranten twee talen spreken. Maar zo wordt er niet over hen gesproken."

Daar komt bij dat de eis om goed te presteren, ook is te interpreteren als de eis om iets terug te geven aan het land dat je heeft opgenomen, stellen critici als de Amerikaans-Iraanse schrijver Dina Nayeri. Met andere woorden: migranten, zeker vluchtelingen, moeten dankbaar zijn.

'Wij verlenen jou een dienst en jij moet dat terugverdienen'

In haar boek The Ungrateful Refugee stelt Nayeri dat ook zij het recht heeft om niet alleen middelmatig te zijn, maar ook niet dankbaar. "Wij hebben geen schuld in te lossen", schrijft ze namens alle vluchtelingen.

In principe klopt dat, zegt De Jong. "Voor vluchtelingen geldt: je hebt recht op asiel, op bescherming, want je leven is in gevaar. Daar zou je dus niet dankbaar voor hoeven te zijn. Maar het idee van de goede migrant onderstreept dat het vaak andersom gezien wordt: wij verlenen jou een dienst en jij moet dat terugverdienen."

Het idee dat een migrant altijd beter moet zijn dan de gemiddelde burger, zit diep, ziet De Jong, en wordt overgegeven van generatie op generatie. "Je ziet dat idee van de voorbeeldige migrant zelfs nog bij de Obama's. Michelle Obama die zei: 'When they go low, we go high'. Dat is het idee dat je als migrant of etnische minderheid je altijd zo voorbeeldig gedraagt dat jij nooit de schuld kunt krijgen van de situatie waarin jij je bevindt. Of van de blik waarmee mensen naar je kijken."

Je positie als goede immigrant is, ook als je een Nederlands paspoort hebt, fragiel, ziet De Jong. Het gedrag van een migrant straalt altijd af op de hele groep en je positie in de gemeenschap kan zomaar worden afgepakt. "Je mag nooit op de verkeerde dag het vuilnis buiten zetten, je moet altijd bij het buurtfeest zijn en je kinderen moeten altijd beleefd zijn, goed gewassen en schone kleren aanhebben."

Juridische statussen over één kam geschoren

Jurist Sahar Shirzad ziet dat de mythe van de goede migrant ook als lakmoesproef tussen verschillende groepen wordt gebruikt. "In de media wordt snel gepraat over migranten als parapluterm voor iedereen die om uiteenlopende redenen de grens oversteekt. Zo worden juridische statussen over één kam geschoren."

Maar vervolgens wordt in berichtgeving aan de hand van gedrag weer een scheiding aangebracht in die groep. "Bijvoorbeeld in artikelen over de berichtgeving over overlast bij asielzoekerscentra. Daar wordt een onderscheid gemaakt tussen asielzoekers die afkomstig zijn uit 'veilige landen' die overlast veroorzaken en het niet verdienen om hier te zijn, en onschuldige, 'echte' vluchtelingen. Maar ook iemand uit een zogenoemd veilig land kan hier een vluchtelingenstatus krijgen, bijvoorbeeld als hij of zij tot de lhbtiq+-gemeenschap behoort."

Waarom blijven we zo graag de mythe van de goede migrant vertellen? "Het verhaal van vluchtelingen leent zich ook goed voor een verhaal over doorzettingsvermogen", denkt De Jong. "Na de uitzonderlijke ontsnapping uit een hel, zijn sommige mensen toch in staat tot buitengewone prestaties. Dat is een universeel en hoopvol verhaal dat veel mensen graag horen."

Het verhaal zit ook diep verankerd in ons politieke DNA, stelt ze. "Het is een deel van het neoliberale discours: ieder individu kan het beste uit zichzelf halen, als hij of zij maar hard genoeg werkt." Ze verwijst ook naar de Amerikaanse droom: van krantenjongen naar miljonair. "Terwijl we ook weten dat, als er sprake is van racisme, het twee keer zo hard werken is om überhaupt mee te komen."

Ook binnen diaspora worden succesverhalen onderstreept

Als het gaat om dat idee van dankbaarheid, of iets terug moeten doen, ziet De Jong iets interessant gebeuren bij de recent uit Afghanistan geëvacueerde mensen. Zij zijn in principe vluchtelingen, maar zij verzetten zich, nu al, tegen het idee dat ze dankbaar moeten zijn en een schuld moeten inlossen. "Zij zeggen heel duidelijk: wij hebben onze dienst aan jullie al bewezen. We hebben voor jullie gewerkt en jullie veilig gehouden. Jullie hebben een ereschuld bij ons."

Juriste Shirzad wijst erop dat de mythe van de goede migrant in veel verschillende hoeken van de samenleving weerklank vindt. Ook binnen diaspora worden succesverhalen onderstreept. Dat kan gevoelens van trots geven, maar ook de indruk wekken dat vluchtelingen vanwege hun excelleren moeten worden opgevangen.

Als voorbeeld noemt Shirzad de Deens-Afghaanse topvoetballer Nadia Nadim. "Zij zei bijvoorbeeld in Vogue, als argument om vluchtelingen op te nemen: ik ben dokter, mijn zus is dokter, en mijn andere twee zussen zijn verpleegkundigen. Dat is een argument dat onder diaspora breed gedragen wordt."

De uitzending van Pauw & Witteman waarin Mauro een briefje kreeg van oud-minister Henk Bleker. Of hij mee wilde naar het voetbal.

De uitzending van Pauw & Witteman waarin Mauro een briefje kreeg van oud-minister Henk Bleker. Of hij mee wilde naar het voetbal.
De uitzending van Pauw & Witteman waarin Mauro een briefje kreeg van oud-minister Henk Bleker. Of hij mee wilde naar het voetbal.
Foto: TR Beeld

Shirzad, die Nederlands-Afghaans is, zegt dat ze zelf tot een tijd terug ook meewerkte aan de creatie van haar eigen imago als 'goede' vluchteling. "Je wordt het gezicht van de vluchteling die kansen heeft gekregen. Maar daardoor kwam ik op een heel donkere plek, ik realiseerde me dat er iets gebeurde waar ik me helemaal niet goed bij voelde. Je wordt op een bepaalde manier wakker en je denkt: dit ga ik niet meer doen."

Je wordt óf ontmenselijkt, of tot een supermens gemaakt

De politieke polarisatie helpt ook niet mee. "Linkse politici vertellen graag over de successen van vluchtelingen om weerstand te bieden aan rechtse framing over gelukszoekers die hier banen komen inpikken." Hoe goedbedoeld ook, voor mensen met een vluchtverleden heeft dat vervelende gevolgen, stelt ze. "Je wordt of ontmenselijkt of tot een supermens gemaakt."

Burgeractivist en gemeenteraadslid Mpanzu Bamenga herkent de kritiek op de succesverhalen wel. "Dankbaarheid is natuurlijk eigenlijk iets moois. Maar in deze context impliceert het een soort ondergeschiktheid, een anders-zijn. Dat je toch een tweederangsburger bent."

Bamenga spande eerder samen met mensenrechtenorganisaties en een medeburger een rechtszaak aan tegen etnisch profileren door de marechaussee. Hij is lid van D66, bij uitstek een liberale partij. "Voor mij gaat het liberalisme niet over het verkrijgen van status of een bepaalde positie, maar over het krijgen van vrijheden. Dat je talenten worden gezien, dat je kansen krijgt en dat obstakels voor je worden weggenomen. En dat je uiteindelijk een platform krijgt om je verder te ontwikkelen."

Daarbij is wel altijd sprake van een wederkerige relatie tussen burger en staat. "Als burger heb je rechten en plichten, maar wat we zien, is dat immigranten twee keer zo hard moeten lopen, waardoor een scheve verhouding tussen die twee zaken ontstaat."

Een fijn persoon is en belangrijk voor een gemeenschap

Hijzelf is overigens niet tegen het breed uitmeten van succes. "Je hebt ook rolmodellen nodig. Ik zag als jongvolwassene Andrew Makkinga op tv bij Het Lagerhuis, als enige zwarte deelnemer. Ik dacht: als ik blijf oefenen, dan kan ik dat ook."

Het idee van de voortreffelijke migrant lijkt ook voordelen te kunnen hebben voor migranten zelf. Het is dankzij kinderen als Mauro, en bijvoorbeeld ook Lili en Howick, dat honderden kinderen en volwassenen toch in Nederland mochten blijven. Omdat ze hier geworteld waren, het zo goed deden op de voetbalclub en op school. In berichtgeving over schrijnende zaken is de onderliggende boodschap vaak: deze asielzoeker heeft het verdiend, niet vanwege wetten of regels, maar omdat hij of zij een fijn persoon is en belangrijk voor een gemeenschap.

Dat zou niet het uitgangspunt moeten zijn, zegt Martin Vegter van Defence for Children, de kinderrechtenorganisatie die soms media-optredens begeleidt van kinderen die dreigen te worden uitgezet.

Kinderen die wat teruggetrokken zijn, krijgen minder aandacht

"Kinderrechten gelden voor ieder kind", zegt hij. "Je schoolrapport of de uitslag op het voetbalveld zouden daarvoor niet uit moeten maken. Maar waar we wel tegenaan lopen bij campagnes, is dat sommige kinderen een groter netwerk hebben, of verbaal sterker zijn dan anderen. Kinderen die wat teruggetrokken zijn, krijgen minder aandacht."

Hij vervolgt: "Onze boodschap is altijd: dit verhaal is maar een voorbeeld, er zijn in Nederland nog veel meer kinderen die hier geworteld zijn en weggestuurd dreigen te worden. En we zouden heel graag willen dat er geen individuele gevallen meer in de media hoeven te komen, want het is heel zwaar voor een kind. Maar zo simpel is het helaas niet; kinderrechten zijn nog onvoldoende verankerd in het Nederlandse vreemdelingenrecht. Tot dat is veranderd, moet je kinderrechten te vuur en te zwaard bevechten."