Het klinkt als een nachtmerrie: twee maanden na je moeder te horen krijgen dat ook jouw borstkanker is uitgezaaid en dat jullie beiden ongeneeslijk ziek zijn. Het overkwam de 28-jarige Irene uit Utrecht en haar moeder Patrizia (63). Samen bereiden ze zich nu voor op de dood. En dat doen ze op een bijzondere manier: door heel veel te lachen. 'We kregen zelfs op onze flikker.'

Dit artikel is afkomstig uit AD Utrechts Nieuwsblad. Elke dag verschijnt een selectie van de beste artikelen uit de kranten en tijdschriften op NU.nl. Daar lees je hier meer over.

Het is de zomer van 2018 als Irene Hamming, tussen de vele feestjes en festivals door, na lang aandringen van haar moeder en twee zussen toch even naar de dokter gaat om naar het wondje op haar tepel te laten kijken. Ze heeft er veel last van en ondanks de vele pleisters die ze er opplakt, heelt het niet.

"Het zal vast niets zijn", zegt de huisarts, die haar voor de zekerheid doorverwijst naar het ziekenhuis. "Het zal vast niets ernstigs zijn", zegt de arts die haar onderzoekt. Twee dagen later zit ze met haar moeder in het kamertje van de arts. Het blijkt toch wél iets te zijn. Haar moeder zat zelf tien jaar eerder ook zo tegenover een arts en kreeg toen dezelfde woorden te horen: je hebt borstkanker.

Fuck, fuck, fuck

"Fuck, fuck, fuck dacht ik", vertelt Irene in een van de sfeervol ingerichte woonkamers van het in kanker gespecialiseerde Antoni van Leeuwenhoek ziekenhuis. "We zaten daarna in een café biertjes te drinken en ik dacht: mijn moeder is genezen. Dus het komt goed. Ik had mijn eigen ervaringsdeskundige. Best handig."

Na een jaar van intensieve behandelingen en het weghalen van haar borsten krijgt Irene het nieuws waar ze al die tijd op heeft gehoopt: de tumoren zijn weg. "Wat heb ik daarna veel gefeest en gezopen. Dat was echt een geweldig jaar."

Daar komt in 2020 abrupt een einde aan als haar moeder steeds vermoeider raakt. De kanker blijkt terug te zijn. "Het is uitgezaaid en niet te genezen, dus alles wat ze doen is levensverlengend en kwaliteit verhogend. Hoe lang ik heb? Dat is afwachten."

Epileptische aanvallen

Het gezin zit volop in het verwerkingsproces als Irene twee maanden later op de bank bij haar moeder plotseling het gevoel in haar rechterkant verliest. Een dag later gebeurt het weer. "Dat bleken epileptische aanvallen te zijn. Ik heb geen seconde aan kanker gedacht, ook niet tijdens de scan. De arts twijfelde nog om me voor de uitslag te bellen, dat ik niet alleen moest komen, maar wilde me niet extra ongerust maken."

Dus stapt Irene alleen het kamertje binnen. "Vijf tumoren in mijn hoofd. Ze zeiden niet: het is klaar. Maar zo voelde het voor mij wel. Het is ongeneeslijk. Ik heb nog nooit zo hard gehuild. Ik heb een mooi leven gehad, maar ik wil wel een beetje langer leven." Ze lacht. Moeder lacht mee. Dat doen ze tijdens het gesprek vaak. Op momenten dat het pittig wordt, schieten ze in de lach.

"We gaan dood", zegt Irene tot slot. Moeder knikt. "Zo simpel is het. We weten waar we aan dood gaan, het had elke ziekte kunnen zijn, maar het is kanker."

Irene en haar moeder.

Irene en haar moeder.
Irene en haar moeder.
Foto: Dingena Mol

Psychobiologie

Op dit moment voelen ze zich 'hartstikke lekker'. Irene stort zich weer vol op haar studie, psychobiologie aan de Universiteit van Amsterdam. "Biologie toegepast op de hersenen. Dat koos ik voordat ik wist dat ik tumoren in mijn hoofd had, hoor." Weer die lach.

Ze heeft geen bucketlist, maar wel een doel: haar bachelor afronden. "Ik wíl dat diploma. Dat moet ik behalen in het leven." Juist door haar ziekte is ze de biologie nog meer gaan waarderen. "Het ís de studie van het leven. Het ontstaan ervan, het ontwerp, hoe het groeit."

En hoe het eindigt. "Dat ook. Ik wil in een schimmelkist begraven worden. Dat bestaat nog niet zo lang: het is een kist gemaakt van mycelium, schimmeldraden. Die zorgen ervoor dat je lichaam veel sneller verteert en één wordt met de natuur. Schimmels zijn het begin van het leven, dus dan is het cirkeltje rond."

Graf naast haar vader

Waar ze komt te liggen, weet ze ook. Naast haar vader op de begraafplaats in Zeist. "Mijn vader overleed toen ik vier jaar was plotseling aan hersenbloedingen. Ik kan me er niets van herinneren, maar heb hem later erg gemist."

Twee plekjes naast haar vader was een graf vrij. Moeder: "We dachten: dan liggen we samen gezellig in de buurt. Toen ik vroeg of ik kon reserveren, zeiden ze dat het graf naast mijn man ook vrij was. Blijkbaar heeft het zo moeten zijn."

Bijna om de hoek van haar ouderlijk huis in Utrecht hebben ze met presentator Tim Hofman grafstenen uitgezocht. Dat is woensdagavond op NPO1 te zien in het BNN VARA-programma Over Mijn Lijk, waar moeder en dochter aan mee deden. "Ze lijken op de steen van mijn vader. Ik vond het niet confronterend, het gaf me juist rust. Ik vind het fijn dat dat al geregeld is en dat ik me er geen zorgen over hoef te maken."

Samen een tabletje innemen

Sinds haar diagnose zijn moeder en dochter erg naar elkaar toe gegroeid. "Ik heb veel aan mijn moeder. Juist omdat ze weet hoe ik me voel. Letterlijk ook, want we hadden een tijd dezelfde chemo en namen het tabletje dan samen aan tafel in."

Moeder: "Ze was altijd aan het feesten en had amper tijd. Maar de afgelopen jaren is ze echt zichzelf geworden. Wat ik als moeder zo verdrietig vind, is dat ik er al een heel leven op heb zitten, terwijl zij die kans eigenlijk niet meer heeft."

De grote vraag is: wie van ons gaat er eerst?

Na lang aandringen heeft Irene een prognose van de artsen gekregen. "Tussen de zes maanden en vijf jaar vanaf mijn eerste diagnose, dat zou betekenen dat ik tot 2023 heb. Ik heb met mijn arts afgesproken dat ze mij een seintje geeft als ik minder dan zes maanden heb."

'Vervelend nuchter'

"De grote vraag is: wie van ons gaat er eerst?" vult haar moeder aan. Ze maken zich vooral zorgen om de achterblijvers. "Mijn twee andere dochters. Voor hen is dit enorm heftig. Daarom voeren we samen gesprekken bij het Helen Dowling Instituut (biedt psychologische zorg bij kanker red.)"

Een van de dingen die moeder en dochter te horen kregen? "We kregen op onze flikker, dat we niet alles weg mochten lachen." Ze barsten in lachen uit. "Ze hebben gelijk, ik ben vervelend nuchter", biecht moeder op. "Ik denk dat onze humor is versterkt door het kankerproces. Mijn jongste dochter noemde ons: Team Terminaal."

Het is 12.00 uur. Irene moet naar haar afspraak. Om de drie weken krijgt ze via een infuus chemo binnengedruppeld. "Maar het werkt wel. Ik heb al een maand geen epileptische aanval gehad. Dus het gaat eigenlijk hartstikke goed."