Niet alleen in Amsterdam maar in heel Nederland leven grote zorgen over drillrap. Wie verder kijkt dan de muziek met zijn duistere clips vol geweld, ziet dat drillmuziek een-op-een samengaat met armoede en ongelijkheid.

Dit artikel is afkomstig uit Het Parool. Elke dag verschijnt een selectie van de beste artikelen uit de kranten en tijdschriften op NU.nl. Daar lees je hier meer over.

Alleen binnenshuis voelt Michael zich nog enigszins veilig. Op straat is het gevaarlijk voor hem. "De buurt is heet," zegt hij. "Er wordt continu op me gejaagd. Ik zie ze soms rondjes rijden bij het winkelcentrum. Ze wachten tot ik een fout maak."

Twee jaar staat hij nu op een dodenlijst. Toen twee geüniformeerde politieagenten bij zijn woning kwamen om het hem te vertellen, reageerde hij niet eens verbaasd. "Ik wist het al. Ik had op Snapchat gezien dat ik erop stond."

Hele dagen brengt hij televisiekijkend door, alleen afgewisseld met prutsen op zijn telefoon. Slechts af en toe gaat hij naar buiten. Hij weet dat het menens is. De jongens die hem naar het leven staan, hebben niet alleen een gewelddadig imago dat ze in hun rapmuziek en hun videoclips op YouTube uitdragen. Ze zijn het ook echt.

Ineens was het daar in medio 2017: drill. Duistere hiphopmuziek die, met 120 beats per minute, door de speakers klapt met teksten vol verwijzingen naar bendegeweld en drugshandel. De term drill refereert aan het ratelende geluid van automatische vuurwapens. De muziek ontstond aan het begin van het vorige decennium in de gewelddadige ghetto's van Chicago. Vanuit daar waaide het over naar de achterbuurten van Engeland.

Messen

Tijdens de sprong naar Europa onderging drill een gedaanteverwisseling. De Britse rappers dragen gezichtsbedekking en merken als The North Face. De vuurwapens waarmee gezwaaid werd in de Amerikaanse clips werden in Europa vervangen door imposante messen. Dat laatste bracht nog iets anders met zich mee. Messengeweld, of althans, de focus daarop. Hoewel het aantal steekpartijen onder jongeren in Groot-Brittannië al jaren ongeveer gelijk was, werden incidenten ineens gerelateerd aan de nieuwe muzieksoort.

Ook in Nederland raakte de drillmuziek een snaar. Met name zwarte jongens uit achterstandswijken met een aanwezige straatcultuur voelden zich aangesproken door het genre. Ook Michael. "Drill was in zekere zin eerst iets positiefs," zegt hij. "Ik ben het gaan maken omdat ik het toffe muziek vond. Het was iets nieuws. Ik kon mijn creativiteit er in kwijt."

Inmiddels staat de muziek ook in ons land bekend om iets heel anders; steekpartijen onder jongeren, waarbij zelfs doden vallen.

De vraag is of dat ligt aan de muziek of aan wat anders. Het Actiecentrum Veiligheid en Zorg van de gemeente Amsterdam liet onlangs het Drillboekje voor professionals maken. Dat wordt aanstaande donderdag besproken in de gemeenteraad. Dat de gemeente het boekje heeft laten maken, is niet gek. Amsterdam kent het grootste aantal drillrapgroepen van Nederland. Uit recent onderzoek van criminoloog Joran de Jong blijkt dat er in heel Amsterdam achttien groepen zijn. Het zwaartepunt ligt in stadsdeel Zuidoost dat dertien drillrapgroepen kent. Bijna driekwart van alle groepen in de stad. Alle drillrapgroepen in het stadsdeel zijn geworteld in zogenaamde 'ontwikkelbuurten'.

Wegbezuinigd

Ook Michael komt uit zo'n buurt. Wie zijn leven onder de loep neemt, ziet een leven dat bijna naadloos past op statistieken die politiecommissarissen, stadsbestuurders en ministers hoofdbrekens bezorgen. Hij is een kind van immigranten. Zijn wieg stond in een Bijlmerflat. Zijn ouders zijn gescheiden. Michael heeft weinig contact met zijn vader. Hij is opgegroeid in een gezin met veel kinderen. Sinds zijn kinderjaren is hij de man in huis. Zijn moeder is de Nederlandse taal beperkt machtig. Hij is opgegroeid in armoede. Hij heeft zijn middelbare school niet afgemaakt. Hij heeft geen baan, wel een strafblad voor vermogensdelicten.

"Als ik in Amsterdam-Zuid was geboren en niet in deze wijk, was het nooit zo gelopen," zegt hij. "Je groeit hier op met alles om je heen: drugs, berovingen. Ik had niks. Drill was voor mij een mogelijkheid om bekend te worden."

Het is iets dat veelvuldig terugkomt. Of het nou met drillrappers, straatjongens, jongerenwerkers of wetenschappers is, steevast komt vroeg of laat hetzelfde thema terug: aandacht. Iemand worden en willen zijn. Het komt ook naar voren in het onderzoek dat De Jong deed naar Amsterdamse drillrapgroepen. "De jongeren die zich bezighouden met drill worden door de samenleving niet gezien."

Zijn collega Robby Roks onderschrijft dat. Hij deed, naar aanleiding van steekpartijen in Rotterdam, onderzoek naar drill en koppelt het geweld niet zozeer aan de muziek maar meer aan de sociale omstandigheden van de personen die zich ermee bezig houden. "Jongeren uit rijke wijken worden net zo veel blootgesteld aan drill. Maar daar slaat het amper aan. Armoede, achterstand en bendecultuur brengen deze muziek voort. Is drillrap dan de kwaal of slechts een symptoom?"

Michael wist allang dat hij op de dodenlijst stond.

Michael wist allang dat hij op de dodenlijst stond.
Michael wist allang dat hij op de dodenlijst stond.
Foto: ZenKone

Hij toont zich sceptisch over overheidscampagnes als 'Drop je knife en doe wat met je life', de messeninleveractie van vorige maand, waarmee het ministerie van Justitie en Veiligheid het messengeweld probeerde te beteugelen. "Het gaat uit van de aanname dat als het mes weg is, het probleem weg is. Daarmee gaat men voorbij aan het feit dat er kansarme jongeren zijn bij wie nu al tien jaar lang de enige beschermende krachten in hun leven zijn wegbezuinigd."

Hij noemt de decentralisatie van de jeugdzorg. Het wegbezuinigde jeugdwerk en de lange wachtlijsten voor jongeren die acute hulp nodig hebben. "Via drillmuziek en sociale media worden boosheid en frustraties die deze groepen altijd al in zich hadden ineens alleen veel meer zichtbaar."

Steekpartijen

Het fanatieke gebruik van sociale media kent een inktzwarte kant. Die draait om 'clout', wat staat voor online populariteit. Die online wereld kent nogal wat perverse prikkels. Zo blijkt uit het onderzoek van De Jong dat Amsterdamse drillrapclips waarin gezwaaid wordt met wapens beter bekeken worden dan clips waarin dat niet gebeurt.

Daarnaast worden sociale media als Snapchat en Instagram gebruikt om rivalen te sarren, uit te dagen en te bedreigen. Die reageren vervolgens met nog heftiger bedreigingen en beledigingen. En zo ontstaat een vicieuze cirkel van verbaal en virtueel online geweld waarmee de 'opps' (tegenstanders) in diskrediet worden gebracht. Deze digitale bende-oorlogjes monden soms (vaker niet dan wel) uit in vecht- of steekpartijen, die op hun beurt ook weer bloedige wraakacties tot gevolg hebben.

Michael kan erover meepraten. Elkaar uitdagen op straat draaide uit op pesterijen via Facebook. Die mondden uit in ernstigere bedreigingen. Door het verbale geweld ontstond er een diepe rivaliteit waarbij Michael werd neergestoken. Ik heb geluk gehad," zegt hij terwijl hij een litteken laat zien van een paar centimeter. Hij beseft dat het heel anders had kunnen aflopen.

Daarbij refereert hij aan een verhaal dat iedereen in de drillscene kent: de dood van Jay-Ronne Grootfaam. Hij hoorde bij drillrapgroep FOG (Fully Op Gevaar) uit Venserpolder, die een vete had met KSB (Kikkenstein Bende). Toen leden van de groep elkaar in 2019 tegenkwamen, werden direct grote kapmessen getrokken. Bij het gevecht dat volgde, werd de achttienjarige Grootfaam in zijn nek gestoken. Hij overleed een dag later aan zijn verwondingen.

Dat en andere geweldsincidenten in de zomer van 2019 vormen in feite de aanleiding voor het Masterplan Zuidoost dat inmiddels steeds meer vorm krijgt. In dat meerjarenplan, dat barst van de ambitie, staat ook de angst van bewoners in Zuidoost geformuleerd: 'wapengeweld; afpersing door jongeren onderling en aantrekkingskracht van criminele drillgroepen'.

Nu de uitvoering van dat plan steeds meer vorm krijgt, valt ook een ander - zeer zorgelijk - geluid te horen. Dat is dat er zeer moeilijk grip te krijgen valt op de jeugd die betrokken is bij geweld. 'Ze geven echt geen fok', klinkt het meer dan eens.

Verdere escalatie

Ondanks arrestaties en gevangenisstraffen lijkt het conflict tussen FOG en KSB nog altijd niet uitgedoofd. Zowel bij het Openbaar Ministerie, als binnen het onderwijs en het jongerenwerk in stadsdeel Zuidoost leven grote zorgen over verdere escalatie. Bij invallen bij twee leden van een groep zijn omgebouwde vuurwapens in huis gevonden. Toen ze onlangs voor de rechter verschenen voor hun rol bij een bijna dodelijke steekpartij, vroeg de officier van justitie: 'Eerst messen, nu vuurwapens?' Een antwoord bleef uit.

De bezorgdheid neemt allerminst af door het feit dat de wilde schietpartij die afgelopen zomer plaatsvond op de Karspeldreef in Amsterdam-Zuidoost ook is terug te voeren op voortdurende rivaliteit tussen twee jeugdbendes die zich fanatiek bezighouden met drill. Het schietincident vond plaats nadat beide groepen elkaar hadden getroffen bij de snackbar. Een van de jongens trok een vuurwapen. Dat weigerde. Daarop trok iemand van het andere kamp zijn wapen en begon te schieten. 'Druk 'm! Druk 'm!' was te horen op het filmpje van de schietpartij dat naderhand razendsnel van telefoon naar telefoon ging. Een negentienjarige Amsterdammer werd geraakt en zwaargewond afgevoerd naar het ziekenhuis.

"Ik vraag me vaak af hoe anders ons leven zou zijn als we niet telkens hadden gereageerd op elkaar," zegt Michael. Dat strijdende partijen in Amsterdam-Zuidoost ooit nog nader tot elkaar zullen komen, sluit Michael resoluut uit. "Het wordt nooit vrede." In dat idee staat hij niet alleen. Een minderjarige verdachte heeft na zijn aanhouding voor een steekpartij, bij de politie gezegd: "Als er eenmaal bloed gevloeid heeft, blijft het vloeien."

Uitweg

Michael heet niet echt Michael. Dat hij anoniem wil blijven, is niet alleen ingegeven door veiligheid. Het breed bekend worden van zijn naam zit een nieuw leven in de weg. Zijn eerste reflex nadat hij bedreigd was: een wapen halen. "In deze buurt is dat in een dag geregeld." Uiteindelijk heeft hij het pistool weer weggedaan en een besluit genomen. Hij wil eruit. Weg uit de buurt. Ergens opnieuw beginnen. Met zijn vroegere vrienden heeft hij gebroken. "Ik ben geen snitch of zo, maar ik wil niet langer zo leven. Als ik hier blijf, gaat het slecht met me aflopen."

Zelfs demissionair minister Ferd Grapperhaus is inmiddels van de situatie van Michael op de hoogte. Tijdens een recent werkbezoek aan Amsterdam-Zuidoost is hij erover geïnformeerd.

Voor jongens zoals Michael heeft de gemeente Amsterdam het programma 'eervolle uitweg' opgericht. Dat programma is opgericht om jongeren uit de (drugs)criminaliteit te helpen. Inmiddels nemen vier Amsterdamse jongeren deel aan dat programma, waarin gezocht wordt naar zaken als woonruimte ver buiten de stad en een opleiding. Wie in het programma wil, ondergaat een strenge screening.

"Veel jongens zijn hun buurt eigenlijk nooit uit geweest. Ze blijken uiteindelijk tóch niet echt bereid om te breken met hun omgeving. Of ze vinden het moeilijk om afscheid te nemen van hun oude vrienden", zegt de projectleider Jeugd en Veiligheid van de gemeente Amsterdam. Of Michael er voor in aanmerking komt, kan hij nog niet zeggen. "Het zou hem misschien kunnen helpen."

Criminoloog Roks begrijpt de aanpak van de gemeente, maar stipt wel gelijk de olifant in de kamer aan. "Als je een bedreigde drillrapper uit de wijk haalt, dan is dat natuurlijk goed voor hem. Maar als de omgeving die die drillrapper heeft voortgebracht niet verandert, schiet je er als samenleving uiteindelijk niks mee op."

Verantwoording

Het Parool heeft twee keer uitvoerig met Michael gesproken. Eenmaal op een bankje langs het Amsterdam-Rijnkanaal bij Weesp en eenmaal op een bovenverdieping van een stadsdeelkantoor ergens in Amsterdam. Beide gesprekken hebben plaatsgehad in de aanwezigheid van zijn begeleider. Daarnaast is op achtergrondbasis gesproken met een groot aantal mensen die in meer of mindere mate kennis hebben van de jongerencultuur in Amsterdam-Zuidoost.

Drillrap in Amsterdam

- In Amsterdam zijn 18 drillrapgroepen, zo blijkt uit onderzoek van criminoloog Joran de Jong. De overgrote meerderheid (13) komt uit Amsterdam-Zuidoost. Daarnaast zijn er twee groepen in de Diamantbuurt en twee in Amsterdam Nieuw-West. De groep EDG (Elke Dag Geld) bestaat uit jongeren uit IJburg, de Spaarndammerbuurt en Zaandam.

- Groep 73 De Pijp kreeg landelijke bekendheid vanwege hun betrokkenheid bij een wilde vechtpartij op de pier van Scheveningen. Daarbij werd een negentienjarige drillrapper uit Rotterdam doodgestoken. In de zaak werden onlangs een Amsterdammer en een Zaandammer veroordeeld tot elf jaar cel.

- Tussen drillrapgroepen KSB (Kikkenstein Bende) en FOG (Fully op gevaar) is een slepende vete. Daarbij werd Jay-Ronne Grootfaam doodgestoken. Eind vorig jaar vond in een Albert Heijn in de Watergraafsmeer ook een steekpartij plaats die samenhangt met dat conflict. Die steekpartij zorgde vervolgens ook weer voor een wraakactie waarbij iemand werd neergestoken in Almere.

- Onlangs vervolgde het Openbaar Ministerie twee drillrappers uit de groep Leyland Spartans uit Amsterdam Nieuw-West voor opruiing, omdat ze in een videoclip hadden gezwaaid met vuurwapens. Beide mannen werden afgelopen week veroordeeld tot taakstraffen.