Sekswerk is in Spanje brandpunt van uitbuiting en mensenhandel. De regering wil nu het 'Zweedse model' aanbieden.

Dit artikel is afkomstig uit Trouw. Elke dag verschijnt een selectie van de beste artikelen uit de kranten en tijdschriften op NU.nl. Daar lees je hier meer over.

In Madrid is de Polígono Marconi berucht. Aan de zuidoostkant van de stad zit dit uitgestrekte industriegebied vol met louche tweedehandsautohandelaren, loodsen voor de metaalhandel en lege percelen overwoekerd met onkruid. Maar vooral is dit de plek waar tot diep in de nacht auto's traag over straten vol zwerfafval en gebruikte naalden cirkelen, terwijl de bestuurders naar prostituees kijken die hun diensten aanbieden.

De schemerzone van het Polígono Marconi, waar naarmate de avond valt steeds meer mensen high en halfnaakt over straat zwalken, weerspiegelt het grijze juridische gebied van de Spaanse wetgeving rondom prostitutie. In 1999 werd sekswerk gedecriminaliseerd, maar zonder wetgeving die de sector reguleert. Sekswerkers werken daardoor zwart, en prostitutie is nog altijd een brandpunt van uitbuiting en mensenhandel. Veel van de sekswerkers zijn migranten, uit Afrika en Latijns-Amerika - volgens sommige schattingen tot 80 à 90 procent.

Dat baart de politiek inmiddels flink wat zorgen. Premier Pedro Sánchez maakte onlangs tijdens het partijcongres van zijn centrum-linkse partij PSOE bekend dat de Spaanse regering prostitutie volledig aan banden wil leggen, aangezien dit volgens hem leidt tot 'slavernij van vrouwen'. Hoe een verbod precies vorm moet krijgen is nog onbekend, maar het is duidelijk dat het volgens de lijnen van het zogeheten Zweedse model zal gaan: niet het aanbieden, maar het kopen van seks strafbaar stellen.

Protest van sekswerkers

"Dat Zweedse model is rotzooi", stelt de 27-jarige sekswerker Alba Ortín vurig. Ze is naar een protest van enkele tientallen sekswerkers in het centrum van Madrid gekomen, om zich uit te spreken tegen de regeringsplannen. "Klanten zullen bang zijn voor de politie, en op zoek gaan naar duistere plekken, waar wij prostituees ook minder beschermd zijn."

Voor Ortín staat een plek als het industrieterrein, hoe grimmig ook, juist symbool voor veiligheid van betaalde seks. Het is zichtbaar, de prostituees weten wat er speelt - alles gebeurt in de openbaarheid. Ortín zoekt zelf liever contact met haar klanten via het internet, zodat ze van tevoren via app-berichten kan peilen met wat voor man ze te maken heeft. Maar als ze niet meer legaal een appartement kan huren voor haar sekswerk, zal dat via schimmige types moeten doen. "De enige weg die de regering zou moeten nemen als zij ons wil beschermen, is die van volledige legalisatie. Zodat mensen als ik ons officieel kunnen inschrijven met ons werk."

De gedachte achter het Zweedse model is dat prostituees in misbruiksituaties geen angst hoeven te hebben om naar de politie te stappen. Na tien jaar kon Zweden weliswaar stellen dat de straatprostitutie was gehalveerd, maar de kritiek was dat sekswerkers juist in de anonimiteit werden gedrukt en dat daardoor het geweld was verergerd. Onderzoekers zouden te weinig luisteren naar sekswerkers zelf - onder andere Human Rights Watch sprak zich tegen het Zweedse model uit. Desondanks volgen steeds meer landen dit beleid, waaronder bijvoorbeeld Frankrijk en Canada. Ook in Nederland gaan hiervoor stemmen op, aangezien mensenhandel en misbruik nog steeds grootschalig aanwezig zijn rondom Nederlands sekswerk.

Volledige legalisering

De 42-jarige Belén Drake, voorzitter van de Spaanse officieuze vakbond voor sekswerkers Sindicato Otras, stelt dat het wat haar betreft eenvoudig is: "Als de regering achter onze klanten aangaat, nemen ze ons inkomsten af. Dat is helemaal geen bescherming." Als er al een buitenlands model ingevoerd moet worden in Spanje, dan ziet Drake het liefste dat uit Nieuw-Zeeland, waarbij sekswerk volledig is gelegaliseerd en prostituees bijvoorbeeld ook een eigen CAO hebben. "Zo ver zijn jullie in Nederland ook nog niet. Bij jullie staat nog steeds de pooier centraal, omdat zij de exploitatievergunning krijgen. Terwijl uiteindelijk de prostituee zelf centraal moet staan. Wij dus."

De discussie over prostitutie raakt vele Spanjaarden. Hoewel recente cijfers niet beschikbaar zijn, wordt geregeld een VN-onderzoek uit 2011 aangehaald waaruit bleek dat 39 procent van de volwassen Spaanse mannen weleens een prostituee had bezocht - waarmee Spanje na Thailand en Puerto Rico relatief het hoogste prostitutiebezoek ter wereld kent. In 2018 becijferde het Spaans statistiekbureau INE dat er jaarlijks vier miljard euro in de prostitutie zou omgaan.

Dat veel van deze sekswerkers ongedocumenteerde migranten zijn, weten de demonstrerende prostituees goed. "De mensenhandel begint bij de grens van het land", zegt Alba Ortín, terwijl de demonstranten hun spandoeken inpakken aan het einde van het protest. Dat het Nieuw-Zeelandse model dit probleem niet meteen oplost, aangezien sekswerkers die illegaal in het land verblijven zich ook niet officieel zullen inschrijven, begrijpt Ortín. Daarom zou legalisatie volgens haar gepaard moeten gaan met een fikse aanpassing van de migratiewet. "Zorg dat sekswerkers zonder verblijfspapieren niet meteen uitgezet worden. Als de angst om naar de politie te stappen blijft bestaan, zal er voor hen niets veranderen. Maar wat de regering nu wil, is alles juist verder criminaliseren. Dat zorgt in ieder geval voor meer problemen."