Toen ze de eerste gevallen had ontdekt, zegde ze haar baan op om zich helemaal te wijden aan het opsporen van gesjoemel in de wetenschap. Elisabeth Bik staat nu bekend als de 'fotospeurder'. Ze wordt geprezen, én bedreigd.

Dit artikel is afkomstig uit Trouw. Elke dag verschijnt een selectie van de beste artikelen uit de kranten en tijdschriften op NU.nl. Daar lees je hier meer over.

De beelden hieronder komen uit een wetenschappelijke publicatie, en ­laten zien dat er door de auteurs is gerommeld. In de plaatjes komen delen voor die hetzelfde zijn. Ze zijn gekopieerd. Kunt u ze ontdekken? (Het antwoord vindt u onder aan dit artikel.)

Elisabeth Bik ziet dit als geen ander. Ze heeft er haar werk van gemaakt om manipulaties op te sporen in de vaak abstracte technische beelden in biomedische publicaties. Bik heeft er wereldwijd naam mee gemaakt, én zich de woede op de hals gehaald van wetenschappers, wier fouten ze aan het licht bracht, en van wetenschappelijke uitgevers die hun publicaties door de mand zagen ­vallen.

"Ik ben altijd goed geweest in het herkennen van patronen, in de tegels op de wc, of in deze vloer, die van hout lijkt maar het niet is, want sommige patronen herhalen zich. Is het een tic of een talent? Ik weet het niet. Maar ik ben het gaan ontwikkelen. Je kunt het leren, zoals je leert autorijden of pianospelen."

Wat klopt hier niet?

Wat klopt hier niet?
Wat klopt hier niet?
Foto: Yixue Gu et.al., Plos One, 2014

Vreemd krulletje

De 55-jarige Bik is geboren en getogen in Gouda, maar woont en werkt al lang in Californië, in de VS. Ze staat in de wetenschappelijke wereld bekend als de 'fotospeurder'. Terwijl het ooit als hobby begonnen is. Bik: "Ik werkte nog op Stanford universiteit, als microbioloog, toen ik een jaar of acht geleden belangstelling kreeg voor plagiaat in wetenschappelijke publicaties."

"Om gewoon eens te kijken nam ik een willekeurige zin uit een van mijn eigen ­publicaties en plakte die in het zoekveld van Google Scholar (een online oceaan van ­wetenschappelijke literatuur, red.). Tot mijn stomme verbazing vond ik niet 1 zoekresultaat (mijn eigen publicatie) maar 2. Iemand had die zin overgeschreven, zonder bronvermelding, in een artikel dat aan elkaar bleek te hangen van gekopieerde passages."

"Ik werd boos. Het was toeval, in zekere zin; als ik een andere zin had gebruikt, had ik misschien niets gevonden. Dan had mijn leven er nu heel anders uitgezien. Maar door die vondst was ik gegrepen. En het is net een haarbal; met iedere draad waaraan je trekt vind je weer nieuwe gevallen."

"Niet lang daarna stuitte ik op een proefschrift waarin een plaatje opviel, omdat een van de balkjes daarin een vreemd krulletje had. Een hoofdstuk verderop dook datzelfde krulletje op, in hetzelfde plaatje, maar dan 180 graden gedraaid. Terwijl die hoofdstukken over twee totaal verschillende experimenten gingen."

Een handvol gevallen, in een avond

Hoe vaak zou dit voorkomen?, vroeg Bik zich af. Ze nam die avond een kleine steekproef uit biomedische publicaties in Plos One, een groot wetenschappelijk tijdschrift. Ze vond een handvol gevallen van beeld­manipulatie. In een avond. "Ik dacht dat het een zeldzaamheid zou zijn, maar het bleek geregeld voor te komen, in allerlei vormen."

Bik besefte dat ze het groter en systematischer moest aanpakken om dit in kaart te brengen. En toen begon de hobby uit de hand te lopen. Ze nam steekproeven van duizenden artikelen, niet alleen uit Plos One maar ook uit andere tijdschriften, en vond honderden gevallen van beeldmanipulatie. Maar als ze die meldde bij auteurs, redacties en uitgevers werd er zelden gereageerd. "Om dit probleem bekend te maken moest ik mijn bevindingen publiceren. Maar ik dacht: wie gaat mij geloven?"

Ze zocht contact met twee collega-microbiologen, Ferric Fang en Arturo Casadevall. De twee werkten aan verschillende Amerikaanse universiteiten, maar hadden samen het nodige gepubliceerd over wetenschappelijke integriteit. Toen Bik hun liet zien wat zij kon ontmaskeren in wetenschappelijke plaatjes, stemden zij in met een project. Ze bouwden een database met uiteindelijk meer dan 20.000 wetenschappelijke publicaties. Met daarin zo'n 800 gevallen van beeldmanipulatie, die door Bik waren opgespoord en door de andere twee bevestigd.

10 procent van de publicaties teruggetrokken

Het resultaat werd in 2016 gepubliceerd. Bik maakte van die 800 gevallen gedocumenteerd melding bij de betrokken tijdschriften. Nu, vijf jaar later, is 10 procent van die wetenschappelijke artikelen teruggetrokken, en bijna 30 procent is gecorrigeerd. Maar in 60 procent van de gevallen is er helemaal niets gebeurd.

Bik: "En daar heb ik vijf jaar op moeten wachten! En intussen staan al die publicaties nog online en wordt er door andere ­onderzoekers op voortgebouwd. Ik kan me voorstellen dat de hoofdredacteur van een klein tijdschrift niet meteen kan reageren als ik aanklop met tien artikelen waarin fouten zitten. Maar het gaat in veel gevallen om grote uitgevers, die aan geld en mensen geen gebrek hebben."

Het teleurstellende resultaat heeft Bik ertoe gebracht de fouten die ze vindt niet ­alleen te melden aan de betrokken wetenschappers en uitgevers, maar ook bekend te maken, op Twitter en op PubPeer, een platform voor discussie over wetenschappelijke publicaties.

Wat is PubPeer?

Elisabeth Bik is een belangrijke speler op PubPeer, een openbaar online platform voor 'postpublication peerreview'. Op PubPeer kunnen commentaren worden geschreven op wetenschappelijke publicaties die in vakbladen zijn verschenen. Het is een platform waarop wetenschappers elkaars werk kunnen beoordelen en fouten in publicaties bekend kunnen maken. Bik publiceert veel van haar commentaren op PubPeer, en ze ondertekent die ook met haar naam, wat haar bijzonder maakt - veel commentaren zijn anoniem.

PubPeer werd een kleine tien jaar geleden in Frankrijk opgericht, om op een voor iedereen toegankelijke manier te werken aan betere wetenschap. In tien jaar zijn er zo'n 120.000 commentaren gepubliceerd op 40.000 wetenschappelijke artikelen. Kijkend naar de ijsberg van meer dan 3 miljoen wetenschappelijke artikelen per jaar wereldwijd, is dit het bovenste ijsblokje. Maar PubPeer is groeiende en trekt aandacht in de wetenschappelijke wereld, zegt neurowetenschapper Boris Barbour, een van de beheerders van PubPeer.

PubPeer wordt gemodereerd; commentaren worden goed bekeken voor ze worden gepubliceerd. Persoonlijke aanvallen en roddels komen er niet door. Als een commentaar op de site wordt gezet, krijgen de auteurs van het bekritiseerde artikel en de uitgever van het betrokken tijdschrift een mail, én de mogelijkheid een verweer te publiceren. Dat gebeurt in 10 procent van de gevallen.

Dat lijkt weinig. Barbour: "Het ís weinig, maar in veel gevallen valt er voor de auteurs weinig te zeggen, omdat de aangetoonde fouten overduidelijk zijn. Als wetenschappers minder zouden sjoemelen zouden ze meer genieten van de discussies over hun werk."

Heel handig voor wetenschappers - en wetenschapsjournalisten - is een extensie van PubPeer, een programmaatje dat je kunt downloaden (van pubpeer.com) en in je webbrowser kunt installeren. Als je dan, op zoek naar wetenschappelijke literatuur, databases van wetenschappelijke tijdschriften doorloopt, zul je her en der een balk zien verschijnen met de mededeling: 'Op dit artikelen is commentaar gekomen', met de mogelijkheid om direct door te klikken en dat commentaar te lezen. Wetenschappelijke uitgevers zijn hier niet blij mee, zegt Barbour, maar het is voor onderzoekers belangrijk te weten als er discussie is over gepubliceerd onderzoek waarop ze voortbouwen.

De slordigheid van een chirurg die het verkeerde been afzaagt

Maar, betekent dat niet dat de betrokken wetenschappers ook direct worden opgeknoopt? Terwijl een gevonden fout heel verschillende oorzaken kan hebben. Het gaat vaak om ingewikkelde plaatjes die uit een grote verzameling van experimenten komen. Iemand kan per ongeluk het verkeerde plaatje in de publicatie hebben gezet.

Bik: "Een fout is niet meteen fraude. Maar als je ziet hoe beelden in publicaties zijn gemanipuleerd, is er wel iets aan de hand. Misschien niet direct fraude, misschien slordigheid. Maar in de wetenschap zit slordigheid wel op de grens van fraude. Slordigheid laat zien dat er niet goed is gewerkt. Het is de slordigheid van de chirurg die het verkeerde been afzaagt."

"Het gaat mij niet om de personen, het gaat me om de kwaliteit van de wetenschap. Achter iedere fout zit een triest verhaal. Een triest verhaal van iemand die moest sjoemelen om verder te komen. Bijvoorbeeld van jonge onderzoekers die door hoogleraren onder druk worden gezet om resultaten te leveren. Gesjoemel en fraude komen in alle sectoren voor, dus ook in de wetenschap. En hoe meer druk er op het wetenschapsbedrijf wordt gezet, hoe meer fraude."

Raoult is furieus

De zorgvuldigheid waarmee Bik werkt mag blijken uit het feit dat ze nog geen ­commentaar heeft hoeven intrekken en nog nooit voor de rechter is gesleept. Met dat laatste wordt wel geregeld gedreigd, onder anderen door de Franse microbioloog Didier Raoult. Raoult was hoofdauteur van het artikel waarin werd beweerd dat hydroxychloroquine zou helpen tegen COVID-19. Het artikel waar oud-president van de Verenigde Staten Donald Trump zo blij mee was, en dat inmiddels vakkundig is weerlegd.

Bik vond tekortkomingen in dat artikel en besloot meer publicaties van Raoult door te lichten. "Ik vond in twintig van zijn artikelen gemanipuleerde beelden. Dat heb ik op PubPeer gepubliceerd, onder naam. ­Raoult heeft daarop in Frankrijk twee aanklachten ingediend, tegen PubPeer en tegen mij. Dit kan een rechtszaak worden, met kostbare consequenties als hij gelijk zou hebben. Maar dat heeft hij niet. Ik heb heel duidelijk laten zien wat er mis is in die publicaties. En ik bekritiseer niet de man, maar zijn werk. Intussen zet Raoult regelmatig filmpjes op YouTube met dreigende taal: 'Madame Bik gaat nog van mij horen'. Dat vind ik eng."

Geen aanbiedingen

Je zou verwachten dat Bik behalve dreigementen ook aanbiedingen krijgt, van onderzoeksorganisaties of wetenschappelijke uitgevers, die haar talent goed zouden kunnen gebruiken om fouten te voorkomen. Het is (nog) niet gebeurd. "Ik zou ook niet meer voor een baas willen werken. Bovendien: je wilt mij niet als medewerker, ik ben een ­lastige."

Maar dan moet dit toch een eenzame onderneming zijn. "Ja. Maar dat vind ik heerlijk. Ik ben diep introvert, en hou van dagen zonder afspraken. Mijn man, die in een heel andere tak van wetenschap zit, is net zo. We vinden het heerlijk om op te gaan in ons werk en af en toe tevoorschijn te komen om wat te eten."

Spelen met Bik

Gevallen van beeldmanipulatie meldt Elisabeth Bik aan auteurs en uitgevers, en ze publiceert ze op PubPeer. Maar ze is ook actief op Twitter (@MicrobiomDigest). Daar publiceert ze voorbeelden van beeldmanipulatie, maar nu zonder vermelding van auteur of uitgever. "Op Twitter maak ik er puzzels van. Mensen - Bik heeft meer dan 100.000 volgers - vinden het leuk. Kinderen vinden het prachtig om duplicaten in beelden op te sporen, en ze zijn er goed in. En intussen maak ik mensen wel bewust van het probleem van wetenschappelijk gesjoemel."

Een held

"Omdat ik onafhankelijk ben, kan ik ­tegen heilige huisjes schoppen, ook bij grote uitgevers en tijdschriften, zoals Elsevier, Nature, Science. Ik word door de gevestigde orde afgeschilderd als een eenling, maar ik krijg veel steun, vooral van jonge wetenschappers."

Dat is ook in Nederland het geval. Bik was hier een paar dagen voor lezingen aan universiteiten en het Nederlandse Research Integrity Network. Ze geldt in kritische ­delen van de wetenschappelijke wereld als een held. Haar speurderswerk doet ze belangeloos. Betaalde opdrachten die ze krijgt als wetenschappelijk adviseur houdt ze hiervan gescheiden. Voor het speurderswerk komen er soms donaties via fundingplatform ­Patreon.

"Ik heb veel invloed door de goede kwaliteit van mijn werk. En ik wil hier nog wel een paar jaar mee doorgaan. Ik wil volgen wat er gebeurt met die 800 artikelen met fouten die we in die eerste studie hebben gevonden. En ik wil graag over de wereld reizen om hierover te vertellen en mensen bewust te maken van wetenschappelijke fraude."

"Ik vind het wel jammer dat ik niet word betrokken bij kwaliteitsrichtlijnen die her en der worden opgesteld. Die richtlijnen zijn niet verkeerd, maar ik zou graag helpen om ze beter te maken. Ik koester mijn onafhankelijkheid, maar hoop op erkenning van de gevestigde wetenschappelijke orde."

Dit zijn de dubbelingen in de plaatjes boven aan dit artikel:

Met gekleurde kaders heeft Elisabeth Bik de gekopieerde delen aangegeven.

Met gekleurde kaders heeft Elisabeth Bik de gekopieerde delen aangegeven.
Met gekleurde kaders heeft Elisabeth Bik de gekopieerde delen aangegeven.
Foto: RV

De beelden zijn gemaakt door een ploeg onderzoekers van instituut voor kankeronderzoek in Guangzhou, China, geleid door Yixue Gu en Zhimin He. Hun ­artikel werd in 2014 gepubliceerd in vakblad Plos One. De plaatjes tonen kweken van longcellen, en de kleuring laat de invloed zien bepaalde ­(genetische) factoren op ontwikkeling van die cellen tot tumoren.

In de kolommen zouden de resultaten moeten staan van verschillende experimenten (met geheel links een controle-experiment). Maar 'fotospeurder' Elisabeth Bik zag overeenkomsten tussen delen van de plaatjes; ze kúnnen niet uit verschillende experimenten zijn gekomen.

Na melding van deze fouten, antwoordden de onderzoekers dat ze een technisch foutje hadden begaan bij het persklaar maken van hun studie, en kwamen met plaatjes die deze zouden moeten vervangen. Maar dit was niet de enige tekortkoming in hun artikel, er waren er meer. Voor de redactie van Plos One reden om dit artikel terug te trekken, waarmee de hoofdauteurs instemden.