De eerste tien dagen van de Tour de France behoorden zonder twijfel toe aan Jumbo-Visma. De Nederlandse ploeg pakte vier ritzeges, en misschien wel het meest typerend: geen enkele renner won meer dan één etappe.

Wout van Aert staat een meter of 200 na de streep in Albi vol ongeloof over zijn fiets gebogen. De 24-jarige Belg denkt dat hij de tiende etappe heeft gewonnen, maar helemaal zeker weet hij het niet.

Als na een handvol seconden het verlossende woord komt, gooit de Tour-debutant met een rauwe schreeuw zijn beide armen omhoog. Na een omhelzing met een verzorger van Jumbo-Visma duikt hij in de armen van Steven Kruijswijk, de man met wie hij in aanloop naar de Ronde van Frankrijk 2,5 week op een berg in de Sierra Nevada zat.

Het was daar, op hoogte in Spanje, dat Kruijswijk voor het eerst zag dat Van Aert een serieuze optie was voor de Tour-ploeg van Jumbo-Visma, die na het wegvallen van Robert Gesink en Primoz Roglic nog twee vrije plekjes had.

"Ik heb wel tegen de ploeg gezegd dat die jongen redelijk goed kan fietsen", grapte Kruijswijk een kleine twee weken geleden. "Ik kende hem voor die hoogtestage niet echt persoonlijk, maar op die berg bleek wel dat hij veel meer is dan een veldrijder of een klassiekerrenner. Toen ter sprake kwam dat we misschien nog iemand moesten wisselen voor de Tour-selectie, heb ik gezegd dat we hem zeker niet moesten uitsluiten."

'Deze weelde heb ik nog nooit meegemaakt'

Ploegleider Nico Verhoeven hoefde maandag in de finale niet tegen Van Aert te zeggen dat hij voor zijn eigen kans moest gaan. De Belg was samen met Kruijswijk de enige Jumbo-Visma-renner in de eerste waaier - Dylan Groenewegen en Mike Teunissen waren gelost in de chaotische rit - en dus was het duidelijk dat Van Aert de sprinter van dienst was in het geel-zwart.

De Vlaming herhaalde wat Teunissen in rit één deed: profiteren van een onverwachte kans om voor eigen succes te gaan. In de licht oplopende finishstraat in Albi klopte Van Aert wereldtoppers Elia Viviani, Caleb Ewan, Michael Matthews en Peter Sagan, waardoor het na de eerste rit (Teunissen), de tweede rit (ploegentijdrit) en de zevende rit (Groenewegen) weer feest was bij Jumbo-Visma.

"Ik ben een type dat vrij rustig is, maar dit is wel erg mooi", glimlachte Verhoeven. "Deze weelde heb ik nooit meegemaakt, hier droom je alleen maar van. Het is uniek dat we met Dylan de snelste sprinter in de ploeg hebben en dat vervolgens blijkt dat onze nummers twee en drie óók de beste sprinters van de wereld kunnen kloppen. Dan valt echt alles op z'n plek."

'Soms lukt plan A niet'

Een kleine tien minuten na de winnaar kwam de favoriet voor de zege in etappe tien over de streep. "Iedereen krijgt zijn kans bij ons, dat is wel echt mooi", lachte Groenewegen. "Het was niet mijn allerbeste dag, maar voor de ploeg is het een geweldige dag."

Jumbo-Visma is na Team Sky (2012) en Etixx-Quick-Step (2015) pas de derde ploeg sinds 1990 die met drie verschillende renners een etappe wint in de eerste tien dagen van een Tour.

"Dylan en Steven zijn onze kopmannen", aldus Teunissen. "Maar soms lukt plan A niet en dan is het belangrijk dat je renners hebt die niet de kopman zijn, maar wel een hoog niveau kunnen halen. Op die manier kun je alsnog winnen."

'Dylan is intrinsiek onze snelste man'

Volgens Verhoeven is duidelijkheid over de rollen binnen het team daarbij van groot belang. Groenewegen weet ondanks zijn mindere dag op maandag, en de winst van Van Aert, dat de ploeg woensdag in de vlakke etappe na de rustdag weer volledig voor hem zal rijden.

"We kregen een paar dagen geleden, voornamelijk vanuit België, de vraag of Wout niet voor zijn eigen sprints zou moeten gaan. Ons antwoord was dat Wout naar de Tour is gekomen om Dylan te helpen, omdat hij ook wel weet dat Dylan intrinsiek onze snelste man is."

"Maar we zeiden ook dat Wout nog wel een keer een kans zou krijgen. Die kans diende zich maandag aan - niet door ons gestuurd, het gebeurde gewoon - en dan weten de jongens precies wat ze moeten doen: proberen te winnen."

De renners krijgen dinsdag hun eerste rustdag van de Tour. De Ronde van Frankrijk gaat woensdag verder met een relatief vlakke etappe van Albi naar Toulouse over 167 kilometer.