Serena Williams was in de nacht van maandag op dinsdag in haar eersterondepartij op de US Open voor de negentiende achtereenvolgende keer te sterk voor Maria Sharapova. De 37-jarige Amerikaanse is dan ook erg blij met haar start in New York.

"Telkens wanneer ik haar tref, weet ik mijn beste tennis te produceren", aldus Williams, die slechts 59 minuten nodig had om haar zege veilig te stellen, na afloop.

"Op de een of andere manier belandt de bal tegen Sharapova telkens perfect in mijn slagzone. Ik zou niet weten hoe dat kan. Haar spel past heel goed bij mij."

Williams, die in haar loopbaan regelmatig overhoop lag met de 32-jarige Sharapova, verloor slechts twee van de 22 confrontaties met haar rivaal.

Ze werd op de tribune gesteund door haar partner Alex Ohanian, die met een D.A.R.E-shirt - een verwijzing naar een antidrugscampagne - leek te refereren aan het dopingverleden van Sharapova: de Russin zat in 2016 een schorsing uit voor het gebruik van verboden middelen.

Williams kampte met rugblessure

Williams, die in New York op haar 24e Grand Slam-titel en daarmee een evenaring van het record van Margaret Court jaagt, kampte in de aanloop naar de US Open met een rugblessure.

Twee weken geleden moest ze nog opgeven in de finale van het WTA-toernooi in Toronto omdat ze last van haar rug had. Tegen Sharapova ondervond Williams geen hinder meer van die blessure. "Mijn lichaam voelt goed en ik ben fit. Ook met mijn rug gaat het een stuk beter. Ik kijk erg uit naar de rest van het toernooi."

In de tweede ronde staat Williams tegenover haar landgenote Catherina McNally, de nummer 121 van de wereld. Vorig jaar verloor ze in een veelbesproken finale van Naomi Osaka. Een boze Williams kreeg toen flinke ruzie met umpire Carlos Ramos.