Boris Becker ergert zich aan de jongere generatie in het tennis. De 51-jarige Duitser vindt dat er op dit moment te weinig talentvolle spelers zijn die daadwerkelijk de top halen.

"Ik las zojuist dat geen van de momenteel actieve spelers onder de 28 jaar de afgelopen jaren in een finale van een Grand Slam-toernooi heeft gestaan, behalve Thiem en Raonic", begon Becker maandagavond zijn verhaal tegen The Guardian.

"Dat is niet goed en bepaald geen compliment voor de spelers onder de 28. En zeg me nou niet dat de anderen domweg te goed zijn. We moeten vraagtekens zetten bij de kwaliteit en de houding van spelers onder de 28. Het slaat nergens op."

Roger Federer (37), Rafael Nadal (33) en Novak Djokovic (32) domineren al jarenlang het tennis. De drie routiniers wonnen de laatste tien Grand Slams (Australian Open, Roland Garros, Wimbledon en US Open).

Stan Wawrinka was de laatste buiten de 'big three' die de titel veroverde op een Grand Slam. De 34-jarige Zwitser schreef in 2016 de US Open op zijn naam door in de finale de meerdere te zijn van Djokovic.

Becker kust in 1985 de Wimbledon-beker. (Foto: ANP)

'De jongere generatie moet nu opstaan'

Becker, die in 1985 als zeventienjarige verraste met de eindzege op Wimbledon en daarna nog vijf keer de overwinning pakte op een Grand Slam, maakt zich zorgen over de recente ontwikkelingen en hoopt dat er snel verandering in komt.

"Hoezeer ik Federer, Nadal en Djokovic ook respecteer, de jongere generatie moet nu opstaan. Uiteindelijk zullen de 'big three' te oud worden, maar je wil dat de troonopvolging plaatsvindt op het moment dat ze nog erg goed zijn."

"Het probleem van de jongere generatie ligt niet bij hun forehand en het ligt ook niet bij hun conditie. Het is hun mentaliteit die de doorslag geeft tussen winnen en verliezen."

Nadal was zondag voor alweer de twaalfde keer in zijn loopbaan de sterkste op Roland Garros. Hij rekende in de finale relatief eenvoudig in vier sets af met Thiem: 6-3, 5-7, 6-1 en 6-1.