Roger Federer kon vrijdag amper geloven dat hij zich weer nummer één van de wereld mag noemen nadat hij Robin Haase had verslagen in de kwartfinales van het ABN Amro-toernooi.

"Dit is een heel speciaal moment", zei de Zwitser (36), die een speciale trofee kreeg van toernooidirecteur Richard Krajicek. "Het kost heel wat meer werk om dit op deze leeftijd nog te doen. Ook daarom is dit een droom die uitkomt."

De overwinning op Haase leverde Federer voldoende punten op om Rafael Nadal af te lossen als mondiale nummer één. De nieuwe ranking verschijnt maandag.

De laatste keer dat Federer bovenaan stond was op 4 november 2012 en dat is maandag vijf jaar en 107 dagen geleden. Het record was in handen van André Agassi, die zich op 5 juli 1999 na drie jaar en 144 dagen weer nummer één van de wereld mocht noemen.

"Je speelt niet zo vaak een partij om de nummer één-positie. Soms krijg je 'm in de schoot geworpen omdat iemand anders verliest", aldus Federer. "Het overkwam me ook eens terwijl ik op vakantie was. En het was meer dan vijf jaar geleden dat ik op één stond. Ook dat maakt het zo bijzonder."

Haase

Tegenstander Haase begon verrassend sterk en pakte zelfs de eerste set, maar daarna schakelde Federer een tandje bij en kwam de Nederlander er niet meer aan te pas.

"Er zat meer in, maar het lichaam liet me in de steek", oordeelde Haase, die een verstoorde voorbereiding kende doordat hij de hele week grieperig was. De gevolgen begon hij vanaf de tweede set te merken.

"Ik kreeg met name last van mijn onderrug. Ik had pijnstillers gebruikt en door de adrenaline voel je ook niet veel, maar na de eerste set heb je een ontspanningsmoment waarna je de concentratie terug moet zien te krijgen", zei hij.

"Daar had ik door die griep moeite mee, ik was niet scherp, de tank was sneller leeg en dan zit Roger er natuurlijk bovenop."

Federer is door het bereiken van de halve finales in Ahoy bovendien de oudste nummer één in het professionele tijdperk. Hij neemt dat record over van Andre Agassi.