Iedereen is muzikaal. Dat stelt muziekwetenschapper dr. Henkjan Honing van de UvA in zijn presentatie tijdens TEDxAmsterdam 2011. “Hierna gaat iedereen anders over muziek denken.”

Honing heeft de zaal meteen in de broekzak. Hij laat het gehuil van twee verschillende baby's horen. Als blijkt dat de één een Duitse en de ander een Franse baby is, lacht de zaal rijkelijk.

Maar dit voorbeeld toont wel aan dat pasgeborenen al gevoelig zijn voor geluiden uit de omgeving. “Zij passen hun eigen stemgeluid aan naar de stemmen die zij oppikken. Dat is per land natuurlijk anders. Ik zie dit als bewijs dat iedereen talent voor muziek heeft.”

Beegees en Backstreet Boys

Door middel van vele onderhoudende experimentjes met de zaal wordt dit duidelijk. Honing laat bijvoorbeeld een fragment van de Beegees zien, zonder geluid. Of iemand uit het publiek eventjes de zang uit 'Staying Alive' wil nadoen. Wie kent de hoge deuntjes nou niet? Hilarische pogingen volgen de oproep.

Dit experiment toont aan dat mensen goed zijn in het herkennen van de toonhoogte en de pitch van muziek. “Maar dat is niets speciaals”, aldus Honing. “Dieren kunnen dat ook.” Hetzelfde geldt voor ritme. “Het gevoel van het houden van de maat is pas echt menselijk.”

Om zijn woorden bij te staan zien we trommelende mensapen en een hevig headbangende kaketoe op beats van de Backstreet Boys.

Maar of we nu écht anders over muziek gaan denken? Dat bleek helaas nogal sterk uitgedrukt. Wél staat vast dat deze presentatie zonder twijfel interactief en vermakelijk was. Je had er eigenlijk bij moeten zijn.