Slimme algoritmes worden vaker gebruikt in de Nederlandse samenleving, bijvoorbeeld om fraude op te sporen. Die algoritmes moeten wel worden gecontroleerd op onder meer discriminatie. Deze taak komt voor een groot deel bij de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) te liggen, maar experts pleiten er in het FD voor om die verantwoordelijkheid bij de toezichthouders per sector te leggen.

Het kabinet wil het toezicht op de algoritmes versterken, nu algoritmes bijvoorbeeld zelfstandig beslissingen kunnen nemen over hypotheekaanvragen. Dat moet zonder discriminatie en willekeur gebeuren. De software speelde eerder een rol in het toeslagenschandaal. De AP krijgt volgend jaar 1 miljoen euro om algoritmes te controleren. Dat bedrag loopt in de komende jaren op tot 3,6 miljoen euro vanaf 2026.

Maar er zijn al langer bezwaren om de controle bij de AP te leggen, zeiden experts eerder ook tegen NU.nl. Corien Prins, voorzitter van de Wetenschappelijke Raad voor Regeringsbeleid, pleit er nu voor om toezicht onder te brengen bij de toezichthouders per sector, zoals De Nederlandsche Bank of de Nederlandse Zorgautoriteit. "Veel van die toepassingen hebben niets met privacy te maken", zegt ze tegen het FD. "De vraag is waarom het dan bij de AP thuishoort."

Hoogleraar ICT-recht Lokke Moerel steunt dat advies. Zij wijst er ook op dat het lastig wordt om toezicht te houden zonder kennis van specifieke sectoren en dat de AP waarschijnlijk te weinig capaciteit heeft om alles te toetsen. Daarnaast pleit Moerel voor een kenniscentrum om de ontwikkeling van algoritmes in goede banen te leiden, nog los van het toezicht.

De AP laat zich tegenover het FD niet uit over de kritiek. De autoriteit zegt dat toezichthouders van verschillende sectoren worden berokken bij de opzet van de algoritmewaakhond en dat zij geen bevoegdheden inleveren.