Chipmaker NVIDIA rekent er niet meer op dat de overname van branchegenoot Arm doorgaat, schrijft Bloomberg dinsdag op basis van ingewijden. Het bedrijf zou die boodschap hebben uitgestuurd aan zakenpartners, omdat er weinig voortgang zit in de goedkeuring van de overname door toezichthouders.

De overname van chipmaker Arm door NVIDIA werd in september 2020 aangekondigd. NVIDIA wilde het bedrijf van de Japanse techinvesteerder SoftBank kopen voor 40 miljard dollar (ruim 35 miljard euro).

Na de aankondiging werden in verschillende landen onderzoeken gestart door toezichthouders. Eind vorig jaar stapte de Amerikaanse marktwaakhond FTC naar de rechter om de overname tegen te houden, omdat de toezichthouder bang is dat het fusiebedrijf te veel macht over de markt krijgt. Daardoor zou technologische innovatie in de chipsector worden tegengewerkt.

Arm werkt op het moment nog zelfstandig. Het bedrijf sluit overeenkomsten met klanten die licenties betalen om chipontwerpen van Arm te mogen gebruiken. Die klanten gebruiken de ontwerpen onder meer voor chips die in hun telefoons en tablets terechtkomen.

Na de overname zou Arm niet alleen meer leverancier zijn, maar ook een concurrent vormen voor chipfabrikanten, zeggen onder meer bedrijven als Microsoft en Google.

Eigenaar SoftBank werkt aan alternatief voor overname

Ook Britse autoriteiten onderzoeken de zaak. De overname vormt mogelijk een bedreiging voor de nationale veiligheid, als NVIDIA te veel zeggenschap krijgt over chips voor datacentra of slimme apparaten.

SoftBank zou ondertussen werken aan een alternatief voor de overname als die niet doorgaat. In dat geval moet Arm als zelfstandig bedrijf naar de beurs, melden bronnen van Bloomberg.

Toch is er nog niets zeker. NVIDIA en Arm zeggen tegen het persbureau dat gesprekken met toezichthouders nog steeds lopen en dat ze hopen dat de overname wordt goedgekeurd.