De Europese Commissie vindt dat USB-C de standaard moet worden om apparaten mee op te laden. Daarvoor werd deze week een wetsvoorstel ingediend. In dit artikel worden zes vragen over het voorstel beantwoord.

Waarom wil Europa dit?

Er zijn twee hoofdredenen waarom de Commissie ervoor wil zorgen dat er een universele oplader komt. De ene is dat het elektronisch afval moet verminderen als kabels voor meerdere apparaten zijn te gebruiken.

Jaarlijks vormen ongebruikte laders naar schatting 11.000 ton aan elektronisch afval, zegt de Commissie. Door minder nieuwe opladers te produceren en dus minder te hoeven weggooien, neemt de hoeveelheid afval jaarlijks met 1.000 ton af, zo is de verwachting.

De andere reden van de Europese Commissie is dat verschillende kabels voor ongemak bij de consument leiden. "De Europese consumenten zijn al lang gefrustreerd over de groeiende stapel incompatibele opladers die ze thuis hebben liggen", zei Margrethe Vestager van Mededinging.

Waarom duurt het zo lang?

Er wordt al jaren gesproken over de komst van een universele oplader. In 2009 werd daarover al gesproken in de Europese Commissie. De technologische sector mocht zelf bepalen om tot een oplossing te komen. "Daarmee is het aantal typen opladers voor mobiele telefoons de afgelopen tien jaar van dertig naar drie gedaald, maar tot een definitieve oplossing heeft het niet geleid", zegt de Commissie.

"We hebben de sector veel tijd gegeven om met eigen oplossingen te komen: de tijd is nu rijp voor wetgevingsmaatregelen voor een universele oplader", zegt Vestager.

Wat gebeurt er dan met oude opladers?

Opladers die al aan de nieuwe eisen voldoen, kunnen gebruikt worden. Maar opladers die dat niet zijn, moeten gerecycled worden. Volgens de Commissie krijgen gebruikers voldoende tijd om zich aan te passen aan de nieuwe standaard.

Wie heeft hier last van?

Veel fabrikanten maken al gebruik van USB-C om apparaten op te laden. Zo is het gros van de nieuwe Android-telefoons al met een USB-C-kabel op te laden.

Voor Apple kan het wel een probleem worden. Het bedrijf gebruikt voor sommige van zijn apparaten al USB-C, zoals op zijn MacBooks of iPads, maar in de iPhones is dat nog niet het geval. Die werken met een lightningkabel.

Apple is dan ook niet blij met het wetsvoorstel. Hoewel het bedrijf zegt "met aandeelhouders in gesprek te gaan om een oplossing te vinden die het beste is voor consumenten", is Apple niet van mening dat USB-C die oplossing is. "We blijven bezorgd dat een strikte verplichting van één type kabel de innovatie remt in plaats van vooruit stuwt", zegt Apple tegen CNN. "Dat zal consumenten juist schaden."

Wat als er een nieuwe USB-standaard komt?

De Europese Commissie zegt dat een universele oplader innovatie niet in de weg hoeft te staan. Maar bedrijven zullen wel moeten samenwerken om de oplader te verbeteren. "Aan de hand van een tijdige aanpassing van de technische voorschriften of specifieke normen van de richtlijn voor radioapparatuur kan rekening worden gehouden met technologische ontwikkelingen", meldt de Commissie. "Hierdoor kan worden gewaarborgd dat de gebruikte technologie niet verouderd geraakt."

Daarnaast worden ook grote ontwikkelingen verwacht op het gebied van draadloos laden. "Om innovatie op dit gebied mogelijk te maken, bevat het voorstel geen specifieke technische vereisten voor draadloos opladen."

Wanneer wordt USB-C de standaard?

Het wetsvoorstel van de Europese Commissie moet nog worden aangenomen door het Europees Parlement en de Raad. Als zij hun goedkeuring geven, volgt er een overgangsperiode van 24 maanden. Dat moet voor de industrie voldoende zijn om producten aan te passen, voordat de richtlijn van toepassing wordt. Waarschijnlijk zal de regel dan pas in 2024 in werking treden.