De regering van Donald Trump heeft Apple tijdens het begin van zijn presidentschap gedagvaard. Het ministerie van Justitie wilde op deze manier informatie verkrijgen over Democratische volksvertegenwoordigers, hun medewerkers en hun familie, meldt The New York Times.

De media berichtten destijds over contact tussen medewerkers van Trump en Rusland. Volgens de Amerikaanse krant probeerde het ministerie erachter te komen wie deze informatie had doorgespeeld aan journalisten. Het ministerie verdacht verschillende Democratische leden van de inlichtingencommissie van het Huis van Afgevaardigden.

De dossiers van zeker twaalf mensen - onder wie een kind - die een link hadden met de commissie zijn in 2017 en begin 2018 in beslag genomen. Apple zou alleen metadata en accountgegevens hebben overhandigd, geen foto's, e-mails of andere content. Uiteindelijk konden die gegevens en ander bewijs niet aantonen dat het lek naar de media uit de commissie kwam.

Apple kreeg ook een zwijgplicht opgelegd, die dit jaar verliep. Daardoor konden de politici niet weten dat ze onderzocht werden tot de techgigant ze deze maand daarover informeerde.