Het gebruik van een app om de verspreiding van het coronavirus tegen te gaan moet vrijwillig zijn, benadrukt de Europese Commissie in donderdag gepubliceerde richtlijnen (pdf). Daarnaast is het gebruik van locatiegegevens uit den boze, moet de app de identiteit van gebruikers verborgen houden en moeten apps uitgeschakeld worden zodra de coronacrisis voorbij is.

De aanbevelingen uit Brussel moeten ervoor zorgen dat in de Europese Unie eenzelfde soort apps ingezet worden tijdens de coronacrisis. In verschillende Europese landen wordt aan apps gewerkt.

Minister Hugo de Jonge (Volksgezondheid) maakte op 7 april bekend dat Nederland ook twee soorten apps wil inzetten, waaronder een app om te traceren bij wie een coronapatiënt in de buurt is geweest. De eerste voorstellen voor de apps worden komend weekend gepresenteerd.

"Locatiegegevens zijn niet nodig voor traceerapps, omdat het doel van dit soort apps niet is om de bewegingen van mensen te volgen", aldus de Commissie. Locaties volgen is volgens Brussel "in strijd met het principe om zo min mogelijk data te verzamelen" en kan ook leiden "tot grote veiligheids- en privacykwesties".

In plaats van locatiegegevens stuurt Brussel aan op het gebruik van bluetooth. Met die technologie kunnen smartphones onderling signalen uitwisselen om een logboek te creëren van mensen die bij elkaar in de buurt zijn geweest. Dat zou kunnen zonder te achterhalen waar dat gebeurde en om wie het precies gaat.

Het kabinet presenteert naar verwachting dinsdag wat voor apps precies ingezet gaan worden in Nederland. Wanneer die apps operationeel zouden kunnen zijn, is nog niet duidelijk.

Volg de laatste ontwikkelingen rond het virus in ons liveblog.