Locatiegegevens van mobiele telefoons worden in de Verenigde Staten gebruikt om de verspreiding van het COVID-19-virus in de gaten te houden, schrijft The Wall Street Journal. Overheden op verschillende niveaus zouden locatiegegevens via mobiele advertenties hebben ontvangen van een Amerikaanse gezondheidsorganisatie.

Deze gegevens worden gebruikt om de aanpak van het virus strategisch beter te plannen. De geanonimiseerde informatie helpt ambtenaren namelijk om beter in beeld te krijgen waar burgers nog steeds in groepen samenkomen, in welke mate ze gehoorzamen aan de maatregelen en hoe het virus de detailhandel beïnvloedt.

Volgens een tipgever is het doel om een portaal te maken waar de locatiegegevens van burgers van maximaal 500 Amerikaanse steden worden verzameld. De CDC (Centers for Disease Control and Prevention), een Amerikaanse gezondheidsorganisatie, zou de gegevens binnen krijgen via een speciaal COVID-19 dataproject. Dit project wordt gecoördineerd door experts van Harvard, Johns Hopkins, Princeton en andere universiteiten.

De CDC noch het Witte Huis heeft hierop gereageerd. Hoewel het gebruik van data nuttig kan zijn om burgers te ontmoedigen om bijvoorbeeld parken te bezoeken, roept het duidelijk vragen op over privacy. De gegevens zouden niemand moeten identificeren, maar er bestaan wel zorgen dat deze nog steeds misbruikt kunnen worden. Zo rijst bijvoorbeeld de vraag wat ermee gebeurt wanneer de pandemie voorbij is.