Jongeren voelen zich tijdens het gebruiken van sociale media vaker positief dan negatief. Dat blijkt uit onderzoek van Project AWeSome (Adolescents, Wellbeing & Social Media) van de Universiteit van Amsterdam (UvA) onder bijna duizend veertien- en vijftienjarigen.

Sociale media zijn bij uitstek geschikt om jezelf te spiegelen aan anderen, stellen de onderzoekers. Toch zegt minder dan de helft van de respondenten (41 procent) dat ze zichzelf 'soms' of 'vaker' met anderen vergelijken als ze op Whatsapp, Instagram of Snapchat zitten.

Daarin verschillen de jongens wel van de meisjes. Ruim de helft van de meisjes (53 procent) vergelijkt zich soms tot vaak met anderen, tegenover 40 procent van de jongens. Ook zegt 38 procent van de meisjes dat ze vergelijken hoe populair ze zijn, tegenover 28 procent van de jongens.

Positieve gevoelens hebben de overhand

De gevraagde jongeren voelden zich vaker positief door sociale media dan negatief. Bijna de helft van de jongeren (44 procent) zegt 'soms' tot 'heel vaak' positiever naar zichzelf te kijken als ze zich online met anderen vergelijken. 41 procent zegt erdoor geïnspireerd te raken en 40 procent wordt trots op zichzelf.

Negatieve gevoelens komen ook voor, maar minder vaak. Zo wordt 19 procent somber en 21 procent onzeker door sociale media.

Tot 's avonds laat op de telefoon

Ook blijkt uit het onderzoek dat maar liefst 80 procent van de jongeren regelmatig op sociale media zit als ze eigenlijk iets anders hadden moeten doen. "Jongeren realiseren zich goed, als je ernaar vraagt, dat ze sociale media te lang gebruiken of op momenten dat ze eigenlijk iets anders zouden moeten doen", stellen de onderzoekers.

Doordeweeks kijkt de helft van de jongeren (50 procent) nog na 22.00 uur op de telefoon, waarvan 7 procent nog na middernacht. Meer dan de helft (59 procent) zegt regelmatig langer op sociale media te zitten dan ze eigenlijk zou willen.