Het Spaanse statistiekbureau INE gaat acht dagen lang de locaties van smartphones in kaart brengen. Daarvoor krijgt het bureau de beschikking over de locatie van miljoenen Spanjaarden via hun smartphones. De data zijn verder niet voorzien van informatie die herleidbaar is naar individuen, benadrukt het statistiekbureau in een verklaring.

De gegevens worden gegroepeerd aan het bureau aangeleverd, aldus El País. Daarvoor wordt Spanje verdeeld in grote en kleine vlakken waarin zich minimaal vijfduizend mensen bevinden.

De data worden voor het eerst in kaart gebracht tussen 18 en 21 november en op 24 november. De locatiegegevens worden op werkdagen tussen 0.00 uur en 6.00 uur verzameld om te bepalen waar iemand woont en tussen 9.00 uur en 18.00 uur om verplaatsingen te volgen.

In de zomer van 2020 volgen op 21 juli en 15 augustus opnieuw metingen. Met het onderzoek wil het INE bekijken hoe de Spaanse bevolking zich doorgaans verplaatst. Ook kan worden bekeken waar de Spanjaarden tijdens vakanties naartoe gaan.

'INE betaalt providers in totaal bijna half miljoen euro'

Aan het onderzoek werken de drie grote Spaanse providers Vodafone, Movistar en Orange mee. Volgens La Vanguardia betaalt INE de providers respectievelijk 150.000 euro, 163.000 euro en 185.000 euro voor de gegevens.

Spaanse klanten van Vodafone en Orange kunnen zich bij de provider melden als zij niet willen dat hun locatiegegevens met INE gedeeld worden. Movistar-klanten hebben deze optie niet, zegt het bedrijf tegen La Vanguardia.