De politie heeft in 2018 iets minder verdachten met gezichtsherkenning geïdentificeerd dan een jaar eerder. De scansoftware voor de 'gezichtendatabase' leidde vorig jaar in 82 gevallen tot een match, laat de Landelijke Eenheid op verzoek van NU.nl weten. Een jaar eerder ging het nog om 93 gevallen.

De scansoftware wordt sinds december 2016 toegepast op de zogenoemde Strafrechtsketendatabank (SKDB), waarin afbeeldingen van veroordeelden en verdachten van zware misdrijven worden opgeslagen.

In juli werd bekend dat deze SKDB is gevuld met de gezichten van in totaal 1,3 miljoen mensen. Iemand wordt toegevoegd als diegene in Nederland wordt verdacht van een misdrijf waar vier jaar of meer voor gegeven kan worden.

Herkenning in een op de elf gevallen

De scansoftware maakt duidelijk of er aanwijzingen zijn dat een afbeelding van iemand overeenkomt met een gezicht uit de SKDB.

Dat heeft voor zover bekend in ongeveer een op de elf gevallen geleid tot een mogelijke herkenning die aanleiding was voor een vervolgonderzoek. Sinds het systeem in december 2016 in gebruik is genomen, werden in totaal 1.938 foto's aangeleverd, waaruit de software in 175 gevallen doel trof.

Van december 2016 tot en met december 2017 werden nog 977 afbeeldingen met de software vergeleken, waaruit 93 verdachten vermoedelijk werden geïdentificeerd (9,5 procent). In 2018 trof de software doel bij 8,5 procent van de in totaal 961 aangeleverde afbeeldingen.

Een deel van de afbeeldingen was voor de software niet te gebruiken. Dat kan bijvoorbeeld voorkomen als de belichting niet goed is. In het eerste jaar waarin de software werd toegepast, ging het om 149 foto's. In 2018 waren er 280 afbeeldingen onbruikbaar.

Scansoftware vergelijkt beeld van verdachten met database

Opsporingsambtenaren kunnen een foto of afbeelding uit een video aan de scansoftware geven om verdachten in een lopend onderzoek te identificeren. Deze software zoekt in de database met honderdduizenden verdachten en veroordeelden naar overeenkomsten.

De scansoftware toont vervolgens een kandidatenlijst, waarna het aan een politieambtenaar is om te beoordelen of de persoon overeenkomt met de aangeleverde afbeelding. Hier bepaalt de politie of er sprake is van een match of niet.

Het oordeel van de expert wordt meegewogen in het vervolgonderzoek. Daarin kijken twee andere politieambtenaren los van elkaar nogmaals naar de vergelijking. Het terughoudendste oordeel wordt meegenomen in het eindrapport.