Het ministerie van Defensie gaat meer investeren in het afweren van cyberaanvallen.

In de maandag uitgegeven cyberstrategie van het ministerie van Defensie staat dat een goede verdediging en beveiliging "niet voldoende zijn om kwaadwillende landen en organisaties te weerhouden van digitale aanvallen".

Daarom moet er volgens minister Ank Bijleveld geïnvesteerd worden in "de bestrijding van digitale spionage, beïnvloeding en sabotage". Digitale slagkracht is noodzakelijk, stelt de minister. "Om tegenstanders af te schrikken, moeten we laten zien dat we terug kunnen slaan."

In de cyberstrategie staat ook dat Defensie er rekening mee houdt dat in vitale sectoren van Nederland door andere landen schadelijke software wordt geplaatst "ter voorbereiding op een eventueel militair conflict".

Daders van cyberaanvallen zullen vaker publiekelijk worden aangesproken, zoals recent gebeurde na de Russische spionagepoging bij de organisatie voor het verbod op chemische wapens (OPCW).

Nederland in cyberoorlog met Rusland

Vorige maand bevestigde Bijleveld dat Nederland in een cyberoorlog met Rusland verwikkeld is. Die opmerking was volgens haar vooral bedoeld om mensen wakker te schudden, zodat ze zich bewust worden van de digitale dreiging. "We moeten af van de naïviteit op dat terrein", zei ze toen.

Sinds vorig jaar heeft de krijgsmacht het Defensie Cyber Commando, dat de eigen digitale netwerken beschermt, maar ook aanvallen kan uitvoeren.