Google-directeur Sundar Pichai zou een bezoek hebben gebracht aan het Amerikaanse ministerie van Defensie om de spanningen tussen de twee partijen te verminderen.

Pichai zou gesproken hebben met ambtenaren over het omstreden project waarbij software van Google gebruikt wordt om dronebeelden in conflictgebieden te analyseren, meldt The Washington Post op basis van twee anonieme ingewijden.

Het project, waarvan het bestaan in maart werd onthuld, zorgde voor ophef onder Google-personeel. Een aantal medewerkers van het bedrijf vindt het onethisch om kunstmatige intelligentie te gebruiken voor militaire doeleinden.

Kunstmatige intelligentie is een overkoepelende term voor technologie die in staat is om patronen te herkennen en aan de hand daarvan zelfstandig te 'leren'. Ondanks de belofte dat Google alleen voor defensieve doeleinden technologie zou leveren, kondigde het bedrijf in juni aan de samenwerking met het Pentagon te stoppen.

Het gebruik van de omstreden Google-software is onderdeel van een grotere discussie over de rol van kunstmatige intelligentie in oorlogsvoering. Onder meer de Verenigde Naties buigen zich over de vraag of er een verbod moet komen op het gebruik van autonome systemen in conflictgebieden.

Contract voor cloudopslag staat op het spel

Of het bezoek van Pichai aan het Pentagon iets heeft opgeleverd, is niet duidelijk. Een woordvoerder van het Amerikaanse ministerie van Defensie wilde tegenover The Washington Post niet inhoudelijk reageren. Google was voor de krant niet bereikbaar voor een reactie.

Naast het droneproject is Google ook betrokken bij een andere samenwerking met het Pentagon. Het ministerie is op dit moment op zoek naar een bedrijf dat de cloudopslag voor bestanden van het Pentagon op zich gaat nemen.

Het gaat om een miljardencontract dat wordt toegewezen aan één partij. Naast Google hebben onder meer Microsoft, Amazon, IBM en Oracle interesse om de cloudopslag voor het Amerikaanse ministerie van Defensie te verzorgen.