Vingerafdrukken en gezichtsscans van niet-EU-burgers die naar Nederland en andere zogenoemde Schengenlanden reizen, worden in de toekomst drie jaar lang opgeslagen in een databank.

Het Europees Parlement heeft daarvoor woensdag groen licht gegeven. Identiteitscontrole wordt met dit zogeheten in- en uitreissysteem volledig digitaal. Paspoort-stempels zijn dan niet meer nodig.

Het nieuwe systeem werd met 477 tegen 139 stemmen goedgekeurd. Het systeem geeft bijvoorbeeld een melding als mensen langer blijven dan de negentig dagen die hun visum toestaat. Ook moet het zorgen dat wachtrijen aan de grens en fraude met identiteitsdocumenten wordt tegengegaan.

De persoonsgegevens van reizigers worden opgeslagen bij het EULISA-agentschap in Estland. Daar kunnen nationale opsporingsdiensten en Europol iemands reisgeschiedenis opvragen. Volgens EU-commissaris Dimitris Avramopoulos van migratie kan het systeem voor 2020 in werking gaan.