Apple kan de iPhone gewoon blijven verkopen in Mexico, maar telecomproviders mogen niet meer adverteren met de populaire smartphone.

Dat is het gevolg van een uitspraak van het Mexicaanse instituut voor industrieel eigendom (IMPI).

In Mexico heeft het telecombedrijf iFone het merkrecht op Ifone in handen. Dat werd in 2003 al aangevraagd, jaren voor de eerste iPhone op de markt kwam.

Apple probeert sinds 2009 de merknaam iPhone vast te leggen, maar zonder succes. In de al jaren durende juridische strijd tussen Apple en iFone besloot een rechter al dat iFone de merknaam rechtmatig in handen heeft.

Nu is besloten dat Apple geen inbreuk maakt op het merkrecht omdat het alleen hardware maakt en geen telecomdiensten aanbiedt. De drie grote telecomproviders van Mexico, America Movil, Telefonica en Iusacell, mogen echter niet meer adverteren met de iPhone in combinatie met hun telecomaanbod.

Boete

Bovendien wordt hen een boete opgelegd die volgens Reuters kan oplopen tot zo'n 75.000 euro per bedrijf. Eerder stelde een rechter dat volgens de Mexicaanse wet bij een inbreuk van het merkenrecht 40 procent van de behaalde omzet terug moet worden betaald.

iFone heeft vanwege de uitspraak van het IMPI de kans om de schade via een civiele rechtszaak te gaan verhalen op de drie providers. Apple blijft ook hier buiten schot. Dat betekent dat Apple de verwachte iPhone 6 in de herfst gewoon in Mexico kan verkopen.

iPhone 6: Alle geruchten over de grotere iPhone op een rij

Wat is het verschil tussen de iPhone 5, 5S en 5C?