Nederlandse geheime diensten mogen voortaan pas met buitenlandse zusterorganisaties samenwerken en getapte gegevens over Nederlanders uitwisselen nadat de minister daar schriftelijk toestemming voor heeft gegeven.

Dat kondigt Ronald Plasterk, minister van Binnenlandse Zaken, woensdag aan in een debat over het afluisteren door de Amerikaanse inlichtingendienst NSA. De criteria voor een samenwerking komen bovendien in de wet.

Het kabinet wil daarmee meer grip krijgen op het verstrekken van grote hoeveelheden gegevens aan het buitenland. Onlangs bleek dat Nederlandse diensten 1,8 miljoen metadata hadden getapt van Nederlanders en die hadden gedeeld met de Amerikanen.

Plasterk en zijn collega van Defensie Jeanine Hennis-Plasschaert benadrukten dat de samenwerking tussen geheime diensten erg belangrijk is voor de veiligheid van mensen. Door een goede samenwerking zijn volgens Plasterk de afgelopen 10 jaar geen grote aanslagen meer geweest in Europa.

Vijf dingen die u moet weten over Nederlandse geheime diensten 

Meer nieuws rond de afluisterpraktijken