De TU Delft en drie Nederlandse bedrijven gaan in Bolivia meehelpen met het opzetten van een bedrijf dat lithiumbatterijen maakt. Dergelijke batterijen zitten in telefoons, tablets maar ook elektrische auto's.

Minister Lilianne Ploumen voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking maakte donderdag bekend dat de samenwerking erop is gericht om meer geld te verdienen aan de ''enorme hoeveelheid'' van het metaal die in de Boliviaanse bodem zit.

''De verwachting is dat de vraag naar lithiumbatterijen de komende jaren flink zal stijgen, onder meer voor gebruik in de accu van elektrische auto’s'', aldus het ministerie. Bij het bedrijf komt ook een onderzoekscentrum. Volgens Ploumen profiteren de Bolivianen door de samenwerking in de toekomst meer van de natuurlijke hulpbronnen, ''zonder hulpgeld te hoeven inversteren''. ''En er is tegelijkertijd een mooie spin-off voor de Nederlandse industrie'', aldus de bewindsvrouw.

Masterstudenten

Een van de gevolgen van de samenwerking is dat de komende vier jaar veertig Boliviaanse masterstudenten aan de TU Delft een plek krijgen. Verder krijgen promovendi uit het Zuid-Amerikaanse land de gelegenheid in Nederland meer te leren over lithiumbatterijen. Mensen van de TU verzorgen ook colleges in Bolivia. Er komt samenwerking met de universiteiten van La Paz, Potosi, Oruru en Cochabamba.

De Delftse universiteit zal vanaf eind dit jaar het personeel van het onderzoekscentrum gaan opleiden. DaVinci Laboratory Solutions geeft samen met de universiteit invulling aan dat centrum. BTI-Energy Innovators gaat over het opzetten van het batterijenbedrijf en Boon Consultants fungeert als tussenpersoon.

Bekijk 10 tips om de accuduur van je telefoon te verlengen