Door het opgelaaide geweld in de regio Idlib zijn sinds 1 december zo'n 900.000 Syriërs op de vlucht geslagen. Ze vluchten massaal naar de grens met Turkije, maar daar is het leven niet veel beter. Er is een tekort aan alles, zeggen hulporganisaties.

Idlib is na bijna negen jaar burgeroorlog het allerlaatste rebellenbolwerk in Syrië. Het regeringsleger rukt op vanuit het zuidoosten. De aanvallen gaan gepaard met vele bombardementen waarbij burgers omkomen en ziekenhuizen, scholen en woningen worden getroffen. Bijna een kwart van de bevolking is gevlucht.

De meeste mensen kiezen voor een veilig heenkomen in het noorden van Idlib, bij de grens met Turkije. Maar Turkije heeft die doorgang gesloten, omdat het land al zo'n 3,6 miljoen Syriërs opvangt. De ontheemden hebben echter geen andere keuze dan die kant op reizen, omdat andere routes te gevaarlijk zijn.

"De Syriërs zijn heel voorzichtig", legt noodhulpcoördinator Carla Jonkers van het internationale Rode Kruis uit. "Ze zeggen bijvoorbeeld ook niet waar ze eerder zijn geweest, omdat ze niet met bepaalde groepen geassocieerd willen worden."

Voor veel mensen is vluchten niets nieuws. "Sommigen hebben al vier of vijf keer alles ingepakt om van het ene gebied naar het andere te gaan."

Het gaat vooral om moeders en kinderen

Het gaat nu vooral om moeders en kinderen, omdat veel mannen tijdens de oorlog zijn omgekomen of gevlucht. Ze hebben vaak alleen kleding bij zich, soms alleen de kledingstukken die ze dragen.

Eenmaal in het noorden komen ze terecht in bomvolle scholen, moskeeën en tentenkampen die als opvanglocaties dienen. Er verblijven zelfs mensen op bouwplaatsen.

Daarnaast is er in het grensgebied, waar volgens de Verenigde Naties bijna drie miljoen mensen vastzitten, ook een gigantisch tekort aan basisvoorzieningen als voedsel, water, warme kleding en sanitaire voorzieningen.

De vluchtelingenstroom is in december op gang gekomen. (Foto: Getty Images)

Tienduizenden mensen slapen buiten

Hulporganisatie Save The Children schat dat zo'n 80.000 ontheemden geen onderdak hebben. "Mannen die een plek in een tent hebben, staan die af aan moeders en kinderen", vertelt woordvoerder Annemieke Ruggenberg. "Zij slapen zelf vervolgens buiten, in de sneeuw."

Moeders die met hun gezin in een tent kunnen verblijven, houden hun kinderen binnen. "Ze maken er een veilige plek van, maar tegelijkertijd is dat het niet." Ook in de tenten, waar soms kachels staan, dalen de temperaturen 's nachts onder het vriespunt.

“Er is geen hout om te branden, dus wordt er maar plastic gebruikt.”
Annemieke Ruggenberg, woordvoerder Save The Children

Het weer is vooral gevaarlijk voor de kinderen, zeggen de hulporganisaties. Door de vrieskou is een onbekend aantal kinderen, onder wie baby's, gestorven aan onderkoeling. De Verenigde Naties denken dat zo'n 60 procent van de enorme vluchtelingenstroom minderjarig is.

"Er is geen hout om te branden, dus wordt er maar plastic gebruikt", vertelt Ruggenberg. "Daar komen gevaarlijke stoffen bij vrij en daarnaast vliegen er ook tenten in de fik." Kortgeleden stierven twee zusjes van drie en vier nadat de kachel in hun tent in brand vloog. Hun zwangere moeder overleefde het, maar liep ernstige brandwonden op.

Een vluchtelingenkamp in het noorden van Idlib. (Foto: Getty Images)

'Grootste humanitaire horrorverhaal van 21e eeuw'

De situatie in Idlib wordt door hulpverleners omschreven als troosteloos en een catastrofe. Mark Lowcock, VN-hoofd van humanitaire zaken en noodhulp, noemde de crisis in gesprek met CNN "het grootste humanitaire horrorverhaal van de 21e eeuw". De Brit vreest dat als de omstandigheden niet veranderen, Idlib verandert "in de grootste puinhoop van de wereld, bezaaid met de lichamen van miljoen kinderen."

Er zijn in Idlib wel hulpverleners actief, maar lang niet genoeg en hun werk wordt bemoeilijkt door de winterse omstandigheden en de strijd om de regio. "Je doet wat je kan", zegt Jonkers over de hulpverlening in het land. "De weinige middelen die je hebt, probeer je zoveel mogelijk te benutten."

Ook hulpverleners komen om het leven

Hulpverleners raken eveneens ontheemd en ook komen ze zelf door de gevechten om het leven. "Het geweld discrimineert niet", benadrukte Lowcock eerder deze week nog. Er worden volgens hem ook nederzettingen van vluchtelingen getroffen met doden en gewonden tot gevolg.

De ontwikkelingen worden vanuit de rest van Syrië met gruwel gevolgd. Jonkers heeft net een bezoek aan Hama erop zitten. In de stad, ten zuiden van Idlib, is het relatief rustig.

De bewoners beginnen voorzichtig aan de wederopbouw. "Ze geloven alleen niet dat het rustiger wordt", vertelt ze. "Iedereen is op de hoogte van de situatie in Idlib. Ze zeggen: inshallah, we zullen zien hoe het gaat."

De meeste vluchtelingen zijn moeders en kinderen. (Foto: Reuters)