Een konvooi Koerdische strijders heeft zich teruggetrokken uit het conflictgebied in en rond de Syrische stad Manbij. Dat heeft het ministerie van Defensie in Syrië woensdag bekendgemaakt.

Manbij is een gevaarlijk knooppunt met drie machtsblokken onder de invloedssfeer van respectievelijk Russen, Turken en nu nog Amerikanen. 

"Volgens onze informatie zijn ongeveer vierhonderd Koerdische militairen vertrokken", zei een woordvoerder van het Syrische leger. Dat was conform de afspraak die Damascus heeft gemaakt "om het normale leven te laten terugkeren in Noord-Syrië".

De bekendmaking ging vergezeld van een video waarop een stoet van voertuigen met YPG-strijders is te zien die wegrijdt uit de stad. De YPG had de Syrische regering om hulp gevraagd bij het verdedigen van Manbij tegen Turkije.

Deze Koerdische milities vormen het voornaamste onderdeel van de Syrische Democratische Strijdkrachten (SDF), die met steun van de Verenigde Staten de uitschakeling van Islamitische Staat (IS) in de regio hebben bewerkstelligd.

Amerikanen verlaten regio

Turkije beschouwt de YPG als een verlengstuk van de terreurorganisatie PKK. De Turkse president Recep Tayyip Erdogan zei vorige week dat zijn leger niets meer in Manbij heeft te zoeken als "alle terroristische organisaties" de stad hebben verlaten.

Door het besluit van de Amerikaanse president Donald Trump de troepen terug te halen uit Syrië is de vrees voor een Turkse aanval toegenomen. De YPG had daarom contact gezocht met de regering-Assad, die Russische hulp krijgt.

Trump heeft woensdag gezegd dat hij de Koerdische strijders blijft steunen. De Amerikaanse troepen zullen volgens de president "verspreid over een periode" terug worden gehaald. Trump spreekt tegen da hij een periode van vier maanden voor ogen heeft.