Ruim dertigduizend mensen zijn recentelijk op de vlucht geslagen in het noordwesten van Syrië. Dat meldt het VN-agentschap voor Humanitaire Zaken (OCHA).

Het OCHA houdt rekening met een nog veel grotere vluchtelingenstroom als een grootschalig offensief plaatsvindt in rebellenbolwerk Idlib. Er zijn al zeker 3,5 miljoen Syriërs gevlucht naar Turkije.

Veel vluchtelingen zijn volgens de ''eerste berichten'' afkomstig uit het gebied rond de strategisch belangrijke stad Jisr al-Shughur in Idlib. Ook zouden veel mensen zijn gevlucht uit het noordelijke deel van de aangrenzende provincie Hama.

Syrische regeringstroepen en hun bondgenoten zouden de afgelopen dagen intensieve bombardementen hebben uitgevoerd op het rebellenbolwerk. Dat bestaat uit het grootste deel van Idlib en gedeelten van aangrenzende provincies. Er bevinden zich daar ook veel burgers die al waren gevlucht uit andere delen van Syrië.

OCHA waarschuwt dat 800.000 mensen op de vlucht kunnen slaan bij een groot offensief. ''We bereiden ons voor op de mogelijkheid dat burgers in enorme aantallen in verschillende richtingen zullen bewegen'', zei de chef van de VN-dienst, Mark Lowcock.

Turkije roept op tot wapenstilstand

Volgens het Turkse televisiestation NTV heeft de Turkse minister van Defensie Hulusi Akar gezegd dat de aanvallen op Idlib moeten stoppen en dat er een wapenstilstand moet komen.

Turkije is eerder in gesprek gegaan met Rusland en Iran, twee bondgenoten van Syrië, om tot een wapenstilstand te komen. Zeker 3,5 miljoen Syriërs zijn naar Turkije gevlucht.

De stad Idlib is de laatste grote plaats die nog in handen is van de opstandelingen die tegen de troepen van de Syrische president Bashar al-Assad strijden. Veel van die strijders behoren tot jihadistische groepen.