Volgens mensenrechtenorganisaties zijn naar schatting 55.000 kinderen in Syrië verstoken van hulp en riskeren ze verhongering.

Het op op het verdrijven van rebellen gerichte offensief van de Syrische president Bashar Al Assad heeft voor het uiteenrijten van gezinnen gezorgd, aldus de organisaties.

De kinderen bevinden zich in de provincie Quneitra, waar door het regeringsleger en de rebellen gevochten wordt. Het geweld heeft velen op de vlucht doen slaan. Ze willen Jordanië en Israël in, maar worden daar niet toegelaten.

Volgens UNICEF en Save the Children zitten tienduizenden kinderen hierdoor knel. Laatstgenoemde organisatie heeft verhalen gehoord over kinderen die overlijden door het drinken van vies water, uitdroging en aanvallen van schorpioenen en slangen.

De rebellen hebben delen van de regio al sinds 2011 in handen. De regering zou eerder op donderdag een overeenkomst over een vertrek van de tegenstanders van Assad bereikt hebben.

Burgeroorlog

Wat in 2011 als een gewapende opstand in Syrië begon, ontaardde in een grootschalige burgeroorlog. De rebellen vechten tegen het regime van Assad dat ze corrupt vinden. De Syrische president weigert echter op te stappen en wordt door onder meer Rusland in het zadel gehouden.

Door de chaos die ontstond, zag Islamititische Staat (IS) kans om een kalifaat uit te roepen. Honderdduizenden mensen zijn sinds 2011 door het geweld om het leven gekomen en miljoenen zijn op de vlucht geslagen. Onder de dodelijke slachtoffers zijn volgens de Verenigde Naties ruim 27.000 kinderen.

Hoewel de strijd nog niet ten einde is, heeft het regeringsleger de afgelopen jaren meerdere belangrijke steden en regio's herwonnen op de rebellen.

Zo werd in april nog de rebellenenclave Oost-Ghouta heroverd. De regio was een van de laatste bolwerken van tegenstanders van het regime van Assad.

Wil jij elke ochtend direct weten wat je 's nachts gemist hebt en wat er die dag gaat gebeuren? Abonneer je dan nu op onze Dit wordt het nieuws-nieuwsbrief!