Syrische president Assad zegt offensief in Oost-Ghouta door te zetten

De Syrische leider Bashar al-Assad heeft het omstreden offensief in Oost-Ghouta verdedigd. Hij noemde de militaire operatie ''een voortzetting van de strijd tegen het terrorisme''. De president maakte duidelijk dat de strijd gewoon doorgaat, ondanks internationale kritiek.

Assad zei wel dat burgers ondertussen in de gelegenheid worden gesteld het gebied te verlaten. Hij verwees daarbij naar een dagelijkse gevechtspauze van vijf uur. Die moet burgers in staat te vluchten via ''humanitaire corridors''.

De Verenigde Staten noemden dat plan eerder ''een grap''. Een woordvoerster van het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken zei dat burgers geen gebruik durven te maken van dergelijke vluchtroutes. Ze zouden vrezen te worden ingelijfd door het regeringsleger van Assad of te worden gedood.

De VS beschuldigen Rusland zelfs van het doden van onschuldige burgers in Oost-Ghouta. Dat gebeurt volgens het Witte Huis onder het mom van ''antiterreuroperaties'' in het rebellenbolwerk.

Russische gevechtstoestellen zouden tussen 24 en 28 februari regelmatig bombardementen hebben uitgevoerd in Damascus en Oost-Ghouta. Het ging volgens de VS om zeker twintig missies per dag. De vliegtuigen stegen op vanaf vliegbasis Hmeymim in de kustprovincie Latakia, aldus de verklaring.

Vluchtroute

Moskou en Damascus verklaarden op hun beurt eerder dat opstandelingen in Oost-Ghouta de vluchtroute beschieten om te voorkomen dat inwoners vertrekken. De rebellen ontkennen dat. In het gebied wonen volgens de Verenigde Naties ongeveer 400.000 mensen. Zij worden volgens VN-coördinator Panos Moumtzis ''collectief gestraft''.

Het offensief van regeringsgezinde troepen gaat gepaard met artilleriebeschietingen en luchtaanvallen. Die hebben sinds 18 februari het leven gekost aan zeker 659 mensen, meldt het Syrisch Observatorium voor de Mensenrechten.

Rebellen in het gebied bestoken op hun beurt de nabijgelegen hoofdstad Damascus. Daar vielen volgens het observatorium ten minste 27 doden.

De Verenigde Naties maakten bekend dat toestemming is verkregen om maandag een hulpkonvooi naar het gebied te sturen. De 46 vrachtwagens vervoeren onder meer medische voorraden en levensmiddelen voor ruim 27.000 mensen.

Terugtrekken

Ondertussen trekken de tegenstanders van het regeringsleger in Oost-Ghouta zich noodgedwongen terug om zich te hergroeperen. Dat zei een woordvoerder van de jihadistische Jaish al-Islam (Leger van de Islam) , één van de belangrijkste strijdgroepen in de belegerde enclave bij de hoofdstad Damascus.

Regeringsgezinde troepen veroverden de afgelopen dagen ongeveer een kwart van het rebellenbolwerk, schat het observatorium. ''Het gaat vooral om boerderijen en een paar plaatsen'', zei het hoofd van de in Groot-Brittannië gevestigde organisatie, die zich baseert op lokale bronnen.

De woordvoerder van Jaish al-Islam verweet de regering een ''tactiek van de verschroeide aarde''. Hij zwoer dat de strijders verloren gebied zullen heroveren.

Regeringstroepen

Regeringsgezinde troepen hoeven nog maar enkele kilometers op te rukken om de enclave in tweeën te splijten, zei een commandant uit de militaire alliantie die het regime in Damascus steunt.

Het observatorium schat dat drie- tot vierhonderd gezinnen de afgelopen twee dagen zijn gevlucht voor het geweld.

Als de troepen van president Assad de enclave veroveren, dan zou dat een enorme overwinning zijn voor de regering. Oost-Ghouta is het enige gebied in de buurt van hoofdstad Damascus dat nog in handen van rebellen is. Het gaat om veel verschillende groeperingen die zich hebben verschanst in de enclave.

Lees meer over:
Tip de redactie