De Verenigde Staten en Rusland hebben bezorgd gereageerd op de confrontatie tussen Israël en Syrië. De Russische president Poetin vroeg de Israëlische premier Benjamin Netanyahu in een telefoongesprek om escalatie te voorkomen, berichten Russische staatsmedia.

De spanning in de regio liep zaterdag verder op toen Israël een onbemand vliegtuigje neerhaalde.

Het ging volgens Jeruzalem om een Iraanse drone die vanuit Syrië het Israëlische luchtruim was binnengedrongen. Daarop bombardeerden Israëlische gevechtstoestellen doelen in Syrië. Eén van die vliegtuigen crashte nadat het onder vuur was komen te liggen.

Het Israëlische leger liet weten dat het na het neerhalen van de vliegtuigen door Syrië heeft teruggeslagen. Militaire doelen van Syrië en Iran zijn volgens Israël vernietigd. Het is de zwaarste aanval van Israël op Syrië sinds de oorlog met Libanon in 1982. 

Zelfverdediging

Netanyahu verweet Iran later "op schaamteloze wijze" de soevereiniteit van zijn land te hebben geschonden door de drone te sturen. De premier benadrukte dat Israël vrede wil, maar zich zal verdedigen tegen iedere aanval. Hij hield de Iraniërs en hun "Syrische gastheren" verantwoordelijk "voor de agressie van vandaag".

Het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken reageerde bezorgd op de "escalatie van het geweld". Een woordvoerster van het departement zei evenwel dat haar land "het Israëlische recht op zelfverdediging" steunt.