Het Syrische regime verdient geld aan de mensen die het zelf laat verdwijnen. ''Via een lugubere zwarte markt worden familieleden die informatie willen hebben over het lot van hun dierbaren uitgebuit", schrijft Amnesty International in een rapport dat donderdag verschijnt.

Sinds het begin van de burgeroorlog in Syrië, in 2011, zijn minstens 65.000 mensen verdwenen, onder wie 58.000 burgers.

Ze worden volgens de mensenrechtenorganisatie vastgehouden onder afschuwelijke omstandigheden in overbevolkte cellen. Contact met de buitenwereld is niet toegestaan. Ziektes, martelingen en executies maken deel uit van de verdwijningen.

Amnesty zegt dat er allerlei duistere tussenpersonen die voor het regiem werken steekpenningen aannemen van wanhopige familieleden die willen weten waar hun verwanten verblijven en of zij überhaupt nog in leven zijn. Zij tellen bedragen neer van enkele honderden tot duizenden dollars om die informatie te verkrijgen.

Onder de mensen die verdwijnen, zijn journalisten, mensenrechtenverdedigers, artsen en hulpverleners. De geringste kritiek is dikwijls al voldoende om te worden opgepakt en te verdwijnen.