De crisis in Afghanistan deed tot het laatste moment nauwelijks alarmbellen rinkelen op de ministeries in Den Haag, blijkt uit een donderdag verschenen eerste terugblik op de evacuatie door Crisisplan. "We dachten dat we het in de hand hadden", zegt een van de geïnterviewden.

In de aanloop naar de val van Kaboel op 15 augustus was van enige urgentie in Den Haag nauwelijks sprake, stellen de onderzoekers vast. Bij de Immigratie en Naturalisatie Dienst (IND) werken maar twee mensen die zich met de evacuaties van tolken bezighouden. Dat onderwerp speelt op dat moment al maanden.

Die twee ambtenaren krijgen in maart van dit jaar ook de taak de mogelijke evacuatie van lokaal ambassadepersoneel voor te bereiden. "Het tempo rond dit dossier is lange tijd niet hoog", stellen de onderzoekers vast. Een van de (anoniem opgevoerde) ambtenaren zegt: "Het proces kabbelde een beetje voort." Achteraf geven de betrokkenen tegen de onderzoekers toe dat "dit tempo met de kennis van nu te laag was".

Op het ministerie van Defensie wordt er eveneens nauwelijks enige urgentie gevoeld. In mei van dit jaar vertrokken de laatste militairen die nog in Afghanistan actief waren en die afbouw "deed de aandacht voor Afghanistan enigszins verslappen".

Ook in de aanloop naar de val van Kaboel is er op het ministerie geen crisissfeer, constateren de onderzoekers. "Vakanties en watersnood in Limburg worden genoemd als afleidende gebeurtenissen." Defensie kwam volgens de onderzoekers pas in crisisstand "toen de tanks van de Taliban al door de stad reden."

Terugkijken: Dit maakte de evacuaties vanaf het vliegveld van Kaboel zo moeilijk
167
Terugkijken: Dit maakte de evacuaties vanaf het vliegveld van Kaboel zo moeilijk

Signalen over opmars Taliban werden niet op waarde geschat

Als verzachtende omstandigheid voeren de onderzoekers aan dat ook andere landen de val van Kaboel niet zagen aankomen, maar signalen die duiden op een snelle opmars van de Taliban "werden niet op waarde geschat". Zo meldde de Militaire Inlichtingen en Veiligheidsdienst op 6 augustus dat de Taliban-strategie "sneller werkt dan verwacht". En ook de ambassade in Pakistan laat weten dat er "het gevoel is dat de ontwikkelingen in Afghanistan snel kunnen gaan".

Ook bij het ministerie van Buitenlandse Zaken, waar ze toch het beste geïnformeerd moesten zijn, bleven ambtenaren te lang vasthouden aan een scenario waarbij het nog maanden zou duren voordat de Taliban de macht in handen zouden krijgen. Zo werd er rekening gehouden met een langdurige omsingeling van de stad Kaboel. "We dachten dat we het in de hand hadden", aldus een van de betrokkenen tegen de onderzoekers.

Het feit dat demissionair staatssecretaris van Justitie en Veiligheid Ankie Broekers-Knol nog op 5 augustus een brief aan de Europese Commissie ondertekent, waarin ervoor wordt gepleit om de uitzetting van Afghanen door te laten gaan, duidt volgens de onderzoekers op "het bestaan van een blinde vlek in Den Haag".

Hoe kwam het rapport over de evacuaties uit Kaboel tot stand

  • Het rapport is geschreven op basis van memo's, WhatsAppberichten, e-mails en verslagen.
  • Daarnaast zijn gesprekken gevoerd met achttien sleutelfiguren bij de ministeries van Defensie, Buitenlandse Zaken en Justitie en Veiligheid.
  • Het rapport is geschreven door een team onder leiding van de Leidse hoogleraar Publieke Instituties en Governance Arjen Boin
  • In hun voorwoord schrijven ze dat veel van de onvolkomenheden die worden geconstateerd door betrokkenen worden onderkend en herkend.
  • Dit rapport loopt vooruit op een grotere evaluatie waarvoor het kabinet oud-minister Frank de Grave van Defensie vroeg als voorzitter. Maar hij trok zich na kritiek uit de Tweede Kamer terug

Sleutelfiguren vierden vakantie

Volgens onderzoekers zijn de alarmbelletjes niet gehoord of begrepen, waarbij het niet hielp dat sleutelfiguren op vakantie waren. Daarnaast richtte Nederland zich te veel op "gelijkgestemde landen", waarbij signalen van andere landen werden "weggerationaliseerd".

Als de crisis eenmaal een feit is en de evacuaties in volle gang zijn, komt D66-Kamerlid Salima Belhaj op 18 augustus met een motie waarin de regering wordt opgeroepen naast de tolken en het ambassadepersoneel ook anderen te evacueren. Die motie, zo blijkt nu, wordt op het ministerie met opgetrokken wenkbrauwen ontvangen; ze zijn er bang voor de zogenaamde "aanzuigende werking".

Goedbedoelde interventies van Kamerleden maakten taak niet lichter

Tijdens de evacuaties waren er verschillende Kamerleden, onder wie CDA'er Derk Boswijk, die zich persoonlijk inzetten voor het naar Nederland halen van onder meer mensenrechtenactivisten, journalisten en voorvechters van vrouwenrechten. Deze "goedbedoelde interventies van Tweede Kamerleden maakten de taak voor de diplomaten en militairen in Kaboel niet lichter", noteren de onderzoekers. Ook de stroom Kamervragen hielp niet, omdat meerdere beleidsmedewerkers hier "dag en nacht voor vrijgemaakt moesten worden".

Voor de flexibiliteit en toewijding van de betrokken ministers tekenen de onderzoekers veel waardering op, hoewel demissionair premier Mark Rutte "eerder de regie had kunnen pakken". Ook was "met de kennis van nu" het evacuatieproces beter verlopen als de bewindslieden de procedures ter beoordeling van evacués eerder hadden versoepeld.

Zelfs in de kritiekste fase hielden ministers zich op detailniveau bezig met de categorisering en toelating van evacués. In de praktijk kwam het erop neer dat iedereen die het vliegveld bereikte, op een vlucht naar Nederland werd gezet. Volgens de onderzoekers hadden bewindslieden de "crisisprofessionals" ter plekke meer autonomie moeten geven.

De demissionaire ministers Henk Kamp van Defensie en Ben Knapen van Buitenlandse Zaken schrijven aan de Tweede Kamer dat het rapport "waardevolle inzichten" verschaft en "nuttige aanbevelingen" geeft. Nog voor de zomer, zo kondigden de ministers aan, zal aan de Kamer worden gemeld wat met de voorgestelde verbeterpunten wordt gedaan.