BELGRADO - De Nederlandse waterpoloërs hebben vrijdag op het Europees kampioenschap in Belgrado met 12-6 van Duitsland verloren.

Door die nederlaag kan de ploeg van bondscoach Johan Aantjes maximaal negende worden. Oranje moet dan zaterdag wel van Rusland winnen. Die negende plek geeft recht op deelname aan het wereldkampioenschap volgend jaar in Melbourne.

Alleen in de eerste periode van de ontmoeting met Duitsland kon Oranje een voorsprong vieren. Robert van den Hoogenband maakte slim gebruik van zijn snelheid en taterde zijn zevental naar 1-0.

Strafworp

De Duitser Marc Politze knalde meteen daarna een strafworp achter doelman Marc Nolting. Aanvoerder Arno Havenga rondde even later een overtalsituatie fraai af: 2-1. Dergelijke buitenkansen met een speler meer te water werden daarna door Oranje zes keer gemist.

Alleen Paul Verweij en Tjerk Kramer mikten later nog raak in tien overtalsituaties. Kramer was de enige die twee keer doel trof. De Duitsers schoten allen met scherp. Zowel vanaf de midvoorpositie als van afstand werd doelman Nolting gepasseerd.

Oranjes midvoor Gerben Silvis maakte een doelpunt. Hij raakte vele keren het houtwerk of de Duitse doelman.

Onzuiverheid

Havenga noemde na afloop onzuiverheid als belangrijke oorzaak voor de nederlaag. "We halen op dit toernooi een hoog niveau, maar dat kost na zeven wedstrijden in acht dagen veel kracht. Wie wint, voelt vermoeidheid niet. Maar nu we verloren hebben, merkt iedereen pas dat ons goede spel veel kracht kostte. Ons spel was daardoor net niet scherp en onzorgvuldig. Onafhankelijk van het resultaat zaterdag ben ik trots op deze ploeg. Sinds lange tijd blijven we tot de allerlaatste speeldag van een EK meestrijden om een prijs."

Bondscoach Aantjes zinde meteen na afloop op een manier om zijn spelers nog eenmaal voor een zware wedstrijd klaar te stomen. "Het duel tegen Rusland heeft als inzet WK-deelname. Ook is het de afscheidswedstrijd van Arno Havenga. Die redenen zullen we aangrijpen om echt nog één keer alles uit de kast te halen."