Sari van Veenendaal speelt komend seizoen voor Atlético Madrid. De keeper van de Oranjevrouwen komt over van Arsenal, waar ze haar aflopende contract niet verlengde.

"Ik heb met meerdere clubs gesproken en het verhaal van Atlético past het beste bij mij", zegt Van Veenendaal bij de bekendmaking van haar transfer. "De club heeft zich bewezen in het vrouwenvoetbal."

Atlético werd de afgelopen drie seizoenen kampioen in de Primera División Feminine, waarin al de nodige Oranje-internationals actief zijn. Lieke Martens en Stefanie van der Gragt spelen voor FC Barcelona en Merel van Dongen staat onder contract bij Real Betis.

Met Arsenal werd Van Veenendaal afgelopen seizoen kampioen van Engeland, al verloor ze wel haar basisplaats bij de Londense club. Bondscoach Sarina Wiegman twijfelde daardoor over de keeperspositie bij Oranje.

De 29-jarige Van Veenendaal moest de strijd aangaan met Loes Geurts en werd uiteindelijk toch de eerste keeper op het WK in Frankrijk, waar Oranje de finale haalde.

'Ik heb veel zin om te starten'

Van Veenendaal, die van 2008 tot 2015 in Nederland speelde bij FC Utrecht en FC Twente, wachtte bewust met haar keuze voor een nieuwe club tot na het WK. "Ik wilde volledig focussen op het toernooi en die keuze heeft goed uitgepakt", vertelt Van Veenendaal, die sinds 2018 captain is van Oranje.

De geboren Utrechtse kreeg in zeven wedstrijden op het WK maar vijf goals tegen en werd uitgeroepen tot beste keeper van het toernooi.

Begin september begint het seizoen in Spanje en zal ze haar debuut maken in de competitie. Door de derde landstitel op rij speelt Atlético komend seizoen ook weer in de Champions League. "Atlético biedt mij alle voorwaarden om me verder te ontwikkelen", vindt Van Veenendaal. "Daar gaat het uiteindelijk om. Ik heb heel veel zin om van start te gaan."