De Nederlandse waterpolosters hebben zaterdag dankzij een zwaarbevochten zege op Canada de kwartfinales van het WK waterpolo in het Zuid-Koreaanse Gwangju bereikt. De ploeg van bondscoach Arno Havenga won het duel in de tussenronde met 5-4 (0-0, 4-2, 0-1 en 1-1).

Tegenstander van Oranje in de kwartfinales wordt Spanje, dat zich als de beste ploeg van groep C rechtstreeks bij de laatste acht schaarde. Nederland werd achter regerend wereldkampioen Verenigde Staten tweede in groep A en was daardoor veroordeeld tot een tussenronde.

Tegen Canada was Maud Megens de uitblinker bij Oranje. De 23-jarige Megens scoorde twee keer en de andere goals kwamen van Bente Rogge, Iris Wolves en Sabrina van der Sloot. Opvallend was dat liefst zes van de negen treffers in het tweede kwart vielen.

In het derde kwart voorkwam keeper Joanne Koenders met een paar knappe reddingen dat Canada op 4-4 kwam. Ook bij een 5-4-voorsprong in het laatste kwart greep Koenders goed in, waardoor Nederland won.

Arno Havenga spreekt zijn ploeg toe tijdens het duel met Canada. (Foto: Pro Shots)

Nederland ontbreekt sinds 2008 op Spelen

De kwartfinale tussen Nederland en Spanje wordt maandag gespeeld en begint om 10.00 uur (Nederlandse tijd) in Gwangju. De Spanjaarden werden in 2017 tweede op het WK en Oranje kwam toen niet verder dan de tussenronde.

Drie jaar geleden was Spanje op het OKT in Gouda te sterk voor Nederland in de strijd om een olympisch ticket, waardoor de Nederlandse vrouwen na het goud in 2008 in Peking nooit meer de Spelen haalden.

De ploeg van Havenga kan op het WK al een ticket pakken voor de Spelen volgend jaar in Tokio, maar dan moet wel de wereldtitel veroverd worden. Mocht de VS wereldkampioen worden, dan gaat ook de nummer twee van het WK naar Tokio, omdat de Amerikaanse vrouwen de World League al hebben gewonnen.