YOKOHAMA - Op het wereldkampioenschap voetbal in Japan en Zuid-Korea, waar de ene na de andere vedette het verloor van de hechte teamgeest van een kwalitatief vaak minder tegenstander, maakte een bijna verloren gewaand fenomeen uiteindelijk het verschil. Ronaldo, twee jaar onafgebroken geplaagd door blessures, sloopte met zijn zevende en achtste treffer van het toernooi het degelijke collectief van Duitsland (2-0).

Bekijk video

Daardoor mag Brazilië zich voor de vijfde keer de allerbeste van de wereld noemen. Als dank voor zijn unieke prestatie kreeg Ronaldo zondag voor het oog van 1,5 miljard televisiekijkers in de voorlaatste minuut van een niet altijd even aantrekkelijke eindstrijd een publiekswissel. De tranen biggelden over zijn wangen.

Ook Ronaldo kon het bijna niet geloven. Nog geen twee maanden geleden kon hij niet eens negentig minuten lang met Internazionale tegen Feyenoord spelen. Nu was hij de koning van het WK, ver verheven boven alle concurrentie.

Eén iemand had hem nog kunnen benaderen. De Duitser Oliver Kahn keepte tot de finale een foutloos toernooi en leidde zijn ploeg met fantastische reflexen naar de eindstijd. De FIFA verkoos hem merkwaardig genoeg al voor de eindstrijd tot beste doelman van het toernooi. Het was echter uitgerekend Kahn die de uiteindelijk verdiende nederlaag van Duitsland inleidde. Hij kreeg in de 69e minuut een schot van Rivaldo niet onder controle en kon vervolgens niet voorkomen dat Ronaldo scoorde. Twaalf minuten later was Kahn kansloos op een bekeken schot van de topschutter van het toernooi.

Brazilië dankte de vijfde wereldtitel na 1958, 1962, 1970 en 1994 aan de individuele kwaliteiten van vooral zijn drie aanvallers. Dan was het Rivaldo, dan Ronaldinho en bijna altijd Ronaldo die het verschil maakte. De wereldkampioen schreef geschiedenis door in zeven wedstrijden geen enkel punt te verspelen. Brazilië scoorde achttien keer, Ronaldo, Rivaldo en Ronaldinho vijftien maal.

De treffers compenseerden van de drie grote R's compenseerden ruimschoots de slordigheden in de af en toe wankele defensie. Ook tegen Duitsland, het land dat zich via Saudi-Arabië, Ierland, Kameroen, Paraguay, Verenigde Staten en Zuid-Korea verrassend naar de finale schopte.

De Duitsers misten in de eindstrijd Michael Ballack, de middenvelder die zijn ploeg in de schaduw van Kahn in moeilijke tijden vaak bij de hand nam. De geschorste speler van Leverkusen maakte in de kwartfinale en halve eindstrijd de enige Duitse treffer.

Zonder Ballack was Duitsland tegen Brazilië slechts één keer dichtbij een treffer. Neuville schoot via de handen van Marcos in de 49e minuut van de tweede helft op de paal. Verder was het Brazilië dat heerste. Ronaldo stuitte in de eerste helft vier keer op Kahn. Kleberson raakte de lat. Uiteindelijk was het dus Kahn die met een blunder Ronaldo de weg wees naar zijn twee treffers.

De topschutter van het toernooi revancheerde zich voor zijn veelbesproken optreden van vier jaar geleden. Nooit werd bekend wat er vier jaar geleden voor de finale tussen Frankrijk en Brazilië (3-0) precies gebeurde. Of het nu door een injectie of een epileptische aanval kwam, Ronaldo bewoog zich als een zombie over het veld.

Een kapotte knie belemmerde Ronaldo de afgelopen twee jaar het tegendeel te bewijzen. Zondag in Yokohama snoerde hij alle criticasters de mond. Ook een Ronaldo met weinig wedstrijdritme is haast niet te verdedigen, zo weten ze ook in rouwend Duitsland.