ENSCHEDE - Davy Schollen redde vrijdagavond een punt voor NAC in de uitwedstrijd tegen FC Twente, 0-0. De jonge Belgische doelman kreeg dit seizoen de ondankbare taak om Babos, die in zijn jaren in Bredase dienst tot een waar instituut uitgroeide, te doen vergeten.

Na een nerveuze beginfase lijkt Schollen steeds beter in zijn rol te groeien. Hij heeft met 33 tegentreffers in 17 wedstrijden nog altijd geen curriculum vitae om over op te scheppen, maar tegen FC Twente was hij de beste man van het veld en liet hij zich ondanks een vaak onzekere verdediging voor hem niet verschalken.

Hij bracht zichzelf in de blessuretijd nog in verlegenheid door een vrije trap van Touma los te laten, maar herstelde zich net bijtijds voordat Zomer de wedstrijd alsnog kon beslissen.

Tobben

FC Twente bleef voor eigen publiek tobben met de juiste afstelling. De ploeg kon in de eerste competitiehelft slechts twee van de negen thuiswedstrijden in winst omzetten. Alleen Heerenveen en FC Den Bosch verlieten Enschede met lege handen. Vijf keer liefst was FC Twente de verliezende partij.

Herinneringen

De confrontatie met NAC bood FC Twente goede herinneringen. Beide ploegen ontmoetten elkaar vorig seizoen drie keer, alle keren speelden de Brabanders volgens zowel vriend als vijand het betere voetbal, maar telkens was de volle winst voor FC Twente.

N'Kufo, die in de halve finale van het toernooi om de Amstel Cup de plaaggeest van NAC was, hield het vrijdag 40 minuten vol. Toen kreeg de spits opnieuw last van zijn oude hamstringblessure en moest hij zich laten vervangen door Christensen. In die fase liet N'Kufo twee mogelijkheden onbenut. Bij de eerste redde doelman Schollen bekwaam, even later schrok de Twentse aanvaller zo van de hem geboden vrijheid dat hij over zijn eigen benen struikelde.

Kijkspel

Aan de andere kant kwam Lurling twee keer in scoringspositie, maar hij aarzelde te lang. De eerste helft leverde zo wel een aardig kijkspel, maar geen doelpunten op. Het vuurwerk bleef beperkt tot het oorverdovend kabaal van de strijkers die voor aanvang van de wedstrijd achter het doel van Boschker werden ontstoken en het stadion minutenlang in rook hulden.

Na de rust gaf Boussaboun drie maal zijn kwaliteiten ten beste. Die wervelende acties leidden echter evenmin tot succes. Zienderogen daalde het niveau aan beide zijden tot hoofdzakelijk veel geploeter. De vermoeide spelers kregen wat ze verdienden, ruim een maand rust.