AMSTERDAM - Met het nodige geluk heeft Ajax zich woensdagavond van een plaatsje in de strijd om de UEFA-Beker verzekerd. In een meeslepend voetbalgevecht in de laatste wedstrijd van de Champions League kwamen de Amsterdammers zelf niet verder dan een 2-2-gelijkspel tegen Bayern München. De hulp kwam echter uit Israël waar Juventus zijn sportieve plicht vervulde tegen Maccabi Tel Aviv (1-1).

Bekijk video: Modem/ Breedband

Door dat resultaat overwintert Ajax in Europa en voldeed daarmee aan de onlangs aangepaste doelstelling van de club.

Grootste verrassing

De grootste verrassing van de avond kwam al voor Ajax een minuut had gespeeld. Koeman liet aanvoerder Rafael van der Vaart buiten de basisopstelling. De middenvelder kon zich niet vinden in het tactische plan dat de oefenmeester had uitgedacht om Bayern in de ArenA te kunnen verslaan.

Koeman wilde Van der Vaart gebruiken als een soort hangende linksbuiten omdat hij een middenveld met Sneijder en Van der Vaart te kwetsbaar vond tegen de fysiek sterke middenlinie van de Duitsers.

Tegenprestatie

Van der Vaart gaf aan dat hij zich niet als linksbuiten wil laten gebruiken en mocht als tegenprestatie van Koeman op de bank beginnen. In zijn plaats speelde Mitea als linkerspits. De Jong, Galasek en Sneijder vormden het hart van het elftal. De Jong maakte als aanjager een gedreven indruk en verrichtte enorm veel arbeid; precies de rol die Koeman hem vooraf had toebedacht.

De strijdwijze van Koeman bleek echter na amper tien minuten al achterhaald. In de negende minuut mocht Kuffour vanaf de rechterkant een voorzet geven die door Ajax-verdediger Grygera in de voeten van Makaay werd gekopt. De Nederlandse meesterschutter in Duitse dienst kende geen twijfel en haalde fantastisch uit. Met een hard diagonaal schot liet hij doelman Vonk kansloos: 1-0. Voor Makaay was dat al het vierde doelpunt in twee wedstrijden tegen de Amsterdammers.

Hartstochtelijk

Ajax wist al voorafgaand aan het duel dat een nederlaag tegen Bayern München desastreuze gevolgen zou kunnen hebben. De club moest winnen van de Duitse lijstaanvoerder om de kans op Europese overwintering zeker te stellen. Die wetenschap - en het bericht dat Maccabi Tel Aviv tegen Juventus op voorsprong was gekomen - maakte veel los bij Ajax. Hartstochtelijk aanvallend ging het elftal op zoek naar de gelijkmaker.

Die viel uiteindelijk uit een van richting veranderd schot van gelegenheidsaanvoerder Galasek. Hij vuurde tweemaal op het doel van Kahn en zag zijn tweede inzet via het been van Kovac achter de Duitse international dwarrelen, 1-1. Even daarvoor had Maxwell na een een-twee met Sneijder al een goede kans verprutst. Vlak voor de pauze schoot Mitea nog in kansrijke positie voorlangs.

Voetbalgevecht

Na de pauze ontspon zich een waar voetbalgevecht. Babel kreeg in de 52e minuut een gele kaart vanwege een fopduik, maar claimde een penalty. Niet veel later dacht De Jong de 2-1 te hebben gemaakt, maar werd de uitblinker aan Amsterdamse zijde teruggefloten vanwege vermeend buitenspel. De verdiende treffer kwam uiteindelijk toch. Mitea ontfutselde Kuffour de bal en ondernam een lange ren in de richting van Kahn, combineerde met Sneijder en schoot de 2-1 achter de Duitse doelman.

Na dat doelpunt durfde Ajax niet door te drukken. De Amsterdamse angst werd meedogenloos afgestraft door Bayern. In de 78e minuut maakte Ballack de 2-2 en was de thuisploeg weer afhankelijk van de prestatie van Maccabi tegen Juventus.

Omdat de Italianen hun sportieve plicht vervulden en nog 1-1 maakten, bleek ook het gelijkspel voor Ajax voldoende. De club voldeed daarmee aan de aangepaste doelstelling en mag verder in Europa, al mag de ontsnapping miraculeus genoemd worden.